Dat Waldemar Torenstra nu zelf papa is, maakt hem een meer geloofwaardige vader in de verfilming van De Gelukkige Huisvrouw. De nieuwbakken papa heeft veel over babies moeten leren.
De Gelukkige Huisvrouw komt pas in april 2010 in de bioscopen, maar Carice en Waldemar sloven zich nu al uit op de filmset. Carice: “Rusten komt in het woordenboek niet voor. Het is opstaan, naar de set en dan naar huis en naar bed. Ik zit in elk shot. Wat te gek is, maar dan ben je dus niet veel vrij.” Waldemar: “Het is veel, voor haar lijkt me het heel veel. Ik zou zeggen neem es lekker vakantie.”
Hoofdpersoon Lea komt na haar bevalling in een zware postnatale depressie terecht. Een heftige rol voor Carice: “Pittig ja, het vergt veel energie. Ik moet putten uit mezelf. Ik heb gelukkig zelf nog nooit een psychose gehad, je moet de gekte in jezelf opzoeken.”
Van de film krijgt Carice nou niet direct zin om zelf een kindje te baren, maar ze sluit het voor de toekomst niet uit. Carice: “Nee, krijg niet echt zin om te gaan werpen. Ik denk dat het absoluut geen lachertje is en dat je het niet moet onderschatten. Maar het zou me er niet van weerhouden om een gezin te stichten.”
Nu Waldemar zich overdag als Harry onderdompelt in de depressieve buien van tegenspeelster Lea is hij blij dat hij ’s avonds weer bij zijn eigen meisjes op de bank kan ploffen. De nieuwbakken papa heeft de afgelopen tijd een boel geleerd. Waldemar: “Die bevalling is wel een pittig ding, heel interessant en boeiend om mee te maken maar het is wel hardcore.”
Zijn eigen meisje maakt Waldemar ook een geloofwaardigere vader in de film. Waldemar: “Ik denk nu bijvoorbeeld met het oppakken van zo’n baby hoe voorzichtig je dat doet, dat zo’n nekje alle kanten opknakt en dat wist ik 6 maanden geleden nog niet zo.”