Hypotheekrenteaftrek: afschaffen of niet?
Hoe werkt het nu?
Elke huizenkoper die een hypotheek heeft afgesloten, komt in aanmerking voor fiscale hypotheekaftrek. Dat betekent dat je de kosten die je maakt aan rente, mag opvoeren als aftrekpost bij je belastingaanifte. Hoeveel je mag aftrekken, is afhankelijk van je belastingschijf. Zit je bijvoorbeeld in de schijf van 42%, dan heb je recht op een teruggave van 42% van wat je aan rente betaalt. Betaal je dus 600 euro hypotheekrente per maand, dan heb je recht op een teruggave van 42% over deze 600 euro. Dat is 252 euro per maand. Er is geen plafond voor het bedrag van je hypotheek.
Waarom staat het ter discussie?
Momenteel staat de hypotheekrenteaftrek ter discussie, omdat het de staat veel belastinginkomsten scheelt. Het kost flink veel geld en er moet bezuinigd worden. Maar er is altijd al kritiek op de aftrek geweest: onder meer omdat je voordeel toeneemt naarmate je méér verdient. En dat de hypotheekrenteaftrek eigenlijk het maken van torenhoge schulden stimuleert, is voor velen ook een ongewest effect.
Waarom is het zo'n gevoelig onderwerp?
Als de hypotheekrenteaftrek van de ene op de andere dag zou verdwijnen, zou dat zonder enige twijfel dramatische gevolgen hebben voor de woningmarkt. Omdat zonder dat voordeel veel minder mensen een huis kunnen en willen kopen, krijgen huizenbezitters hun huizen niet meer verkocht. Gevolg: de huizenprijzen gaan fors omlaag, wat er weer voor zorgt dat huizenbezitters een hogere schuld hebben dan de waarde van het onderpand (hun huis). Als ze hun huis verkopen, hebben ze dus geen huis meer, maar wel nog een flinke schuld over. En verkopen zullen velen moeten, want zonder aftrek kunnen vele Nederlanders hun maandelijkse woonlasten niet meer ophoesten.
De gevolgen van het instorten van de huizenmarkt zijn zo groot voor de hele economie, dat zelfs alleen al het ter sprake brengen van het 'H-woord' voelbaar is in de huizenprijzen. Hoe meer die ter discussie staat, hoe huiveriger starters op de woningmarkt al worden.

Werkgroepen
Speciale werkgroepen van de overheid namen onlangs ook de hypotheekrenteafrtek onder de loep om een manier te vinden om te kunnen bezuinigen. Ze rekenden verschillende scenario´s door die de overheid geld zouden opleveren. In alle gevallen wordt verwacht dat de gemiddelde huizenprijs aanzienlijk daalt: van 8% in het mildste scenario tot 13% in het hardste scenario.
Het geval Zweden
In Zweden werd in 1991 de hypotheekrenteaftrek plotsklaps drastisch ingeperkt en bovenstaand scenario voltrok zich inderdaad. De huizenmarkt stortte in en het land kwam in een zware economische crisis.



