Corneille, meer dan een Cobra-schilder
Guillaume Cornelis van Beverloo, beter bekend als Corneille, was met onder anderen Appel en Constant in 1948 medeoprichter van de Nederlandse Experimentele Groep. Die groep gaat bijna meteen op in de Cobra-groep. Dit schilderscollectief van beginnende kunstschilders uit Kopenhagen, Brussel en Amsterdam bestaat maar drie jaar, maar de bekendheid is nog steeds enorm.
Cursussen
Corneille werd in 1922 geboren in Luik, als kind van Nederlansde ouders. Hij leerde zich het schilderen grotendeels zelf aan, maar volgde in de oorlog wel enkele cursussen aan de Amsterdamse Academie.
Reizen
In 1950 vestigt hij zich in Parijs. Hij maakt diverse wereldreizen en de resultaten daarvan zijn terug te vinden in zijn doeken van die tijd. Later, in de jaren zestig, worden zijn schilderijen, gouaches en tekeningen figuratiever.
Perioden
Corneille kende, na Cobra, nog drie duidelijk te onderscheiden perioden. De eerste was zijn lyrische, abstracte periode, daarna deed hij landschappen, geïnspireerd door reizen naar Afrika. Zijn derde periode viel hij terug op figuratie. Vogels, bloemen en vrouwen kwamen steeds terug in felle en vrolijke kleuren.
Commerciële opdrachten
Bij het grote publiek werd hij met die stijl bekend, zeker nadat hij commerciële opdrachten aannam, zoals het bedrukken van pennen en stropdassen. Dat laatste werd hem in kunstkringen niet altijd in dank afgenomen.
Buien
In de jaren voor zijn dood kwam hij vooral in het nieuws door Cobra-tentoonstellingen, en door zijn manisch-depressieve buien. Op verzoek van zijn vrouw, de Russische Natasja de Laktionoff, werd hij onder curatele gesteld, omdat hij tijdens die buien te veel geld zou uitgeven. Vrienden en galeriehouders beschuldigden haar ervan op zijn geld uit te zijn. Corneille bleef tot zijn dood kunst maken.



