Weblog van weervrouw Helga van Leur
Dag 6 - Expeditie Groenland 2010
De nacht was iets korter dan gedacht. We moeten op tijd op om in te checken. Mijn wekker op de telefoon staat om 8 uur. Als ik denk dat het alarm afgaat, blijkt het een SMS te zijn uit NL. Het is daar 4 uur later, 10:30 uur (op mijn Groenlandse klok pas 6:30 uur). Ach, nu ik toch wakker ben, kan ik net zo goed de tijd benutten om aan mijn reisverslag te werken.Bij het ontbijt heb ik een kort interview op Radio 1, even later eentje bij mijn vrienden op Radio 2 van Knooppunt Kranenbarg.
Vlak na het inchecken word ik samen met Remco en Edser door de beveiliging van het vliegveld terug geroepen. Of we even willen meekomen. Op de begane grond komen we terecht in de bagageafhandeling. Op Schiphol is dat ernstig verboden terrein, maar hier worden wij er gewoon doorheen geleid! In onze tassen zitten ‘Unidentified Objects’. Bij Remco blijkt dat de zonne-oplader te zijn, bij mij een handjevol stenen. De stenen worden aandachtig bekeken en de beveiliger geeft met haar vuist aan hoeveel ik mee mag nemen. Ze matst me een beetje, want het bleek iets meer. Achteraf hoor ik dat er ook diamanten gevonden worden in de buurt. Tja, en die mag ik niet zomaar meenemen. Flauw hoor….
Na het inchecken gaan we nog even een stukje Groenland bekijken. De toeristenkeet op wielen brengt ons heen en terug van naar een onderzoekscentrum voor de hogere atmosfeer. Buiten staat een grote schotelantenne. Ze onderzoeken pakweg alles wat zich tussen 60 en 1000km hoogte boven onze hoofden afspeelt. Ionen, elektronen, magnetische deeltjes, poollicht, aerosolen, vulkaanas… Ter vergelijking: ons weer speelt zich af tussen 0 en 15 km hoogte (polen tot 8, evenaar tot 15 km, in NL tot rond 12 km hoogte). Vliegtuigen komen intercontinentaal rond 11 km hoogte. Weerballonnen tot 30 km hoogte voor ze uit elkaar klappen. Het onderzoekscentrum wordt bevolkt door een mannetje of 4, regelmatig aangevuld door studenten.
Het is een grote speelgoedtuin voor jongens die houden van knutselen aan elektronica, computerprogramma’s kunnen schijven en het leuk vinden oplossingen te zoeken voor alles wat plotseling niet meer werkt in deze afgelegen streek. Ik verdenk ze ervan dat ze meteen fungeren als de lokale garage!
Om een uur of 13:00 zitten we weer in de lucht. Ik zwaai nog even uit het raampje naar mijn zus, die op datzelfde tijdstip op ongeveer dezelfde locatie in een vliegtuig naar de VS zit. Stom toeval. Maar voor die vluchten is Groenland de kortste route. Rond 14:00 uur verlaten we het Groenlandse luchtruim met zicht op de ruige bergen die uitsteken boven de oostelijke ijskap.
Het is weer voorbij…. Zucht. Eindelijk even tijd om de reisverslagen compleet te maken. We vliegen naar Denemarken en moeten daar nog een nacht overblijven. Er gaat namelijk de volgende ochtend pas weer een vliegtuig terug naar Amsterdam. Met een uur vertraging weliswaar, want dichte mist op Schiphol gooit roet in het eten. Dat weersverschijnsel hadden we nog niet gehad! Ook dat schijnt met een veranderend klimaat in Nederland vaker voor te kunnen komen. De tijd zal het leren.
Dag 5 - Expeditie Groenland 2010
De nacht heb ik voornamelijk op mijn linkerzij doorgebracht. Dat heeft geresulteerd in een blauwe plek op mijn heup. Ach ja, je moet er wat voor over hebben. Aan mijn gezicht is af te lezen dat dit een belabberde nacht was: het is helemaal opgezet, mijn oogleden zijn dik. Ik word er openlijk van verdacht met een muskusos te hebben gevochten.
Het was slechts een strijd tussen mijn lijf en de elementen van de natuur. Gelukkig is er geen spiegel. Maar helaas wel een Reinoud met camera. Vrolijk wenst hij mij goedemorgen. Ik twijfel even of ik hem wat verwens of terugwens. Ik kies voor het laatste. Achter hem is het uitzicht fenomenaal! Ontbijt wordt zelfs op bed gebracht: ik zit warm, heb heet water en het is wonderbaarlijk opgehouden met regenen! Dat is pas lekker wakker worden.
Het valt ons meteen op dat de scheur met de ‘dwarslatten’ van ijs groter is geworden. Er is zelfs een dwarsstuk verdwenen en het bewijs vinden we op de gister genomen foto’s. Het warme regenwater heeft zijn werk vannacht goed gedaan! De hele dag rommelt het vanuit de gletsjer. De spanning loopt op! Zouden we het vandaag gaan meemaken dat het grote stuk het begeeft?!? We rennen op en af naar het beste uitzichtpunt van de gletsjerwand.
Sommigen gaan zelf beneden kijken. Volgens onze gids Gummie levensgevaarlijk. Zenuwachtig gebaart hij de stuntmannen dat ze daar weg moeten. Uiteindelijk moet hij zelf naar beneden om ze eigenhandig naar een veiligere locatie te bewegen. Ineens is daar een doffe plof en breekt een stuk ijs af. Een klein brok bereikt de Canadese cameraman die beneden de stuntmannen aan het filmen is.
Het gevaar is duidelijk geworden en ze verkassen naar hogere rotsen. Daar is het uitzicht ook geweldig. Iedere keer meen ik aan het gerommel te horen dat misschien iets van de wand afbreekt, maar telkens ben ik te laat. De batterij van mijn fotocamera loopt snel leeg. Te snel. De kou werkt niet mee. De Canadese ploeg heeft als eerste afbrokkelend ijs vast kunnen leggen. Reinoud moppert dat hij op het moment suprème net zijn beelden aan het bekijken was. Maar de grote scheur bestaat nog en wij zijn hoopvol! Ik wil niet weg voordat het zover is. Maar ik kan wachten tot ik een ons weeg.
Op een helder moment bedenk ik mij dat ik speciaal voor deze tocht een videocamera heb aangeschaft. Met voldoende geheugen en nog belangrijker – voldoende batterijpower! Ik installeer hem op mijn favoriete plekje en zet hem aan. Dat geeft mij de rust weer terug te lopen naar het kamp. Daar vertelt de gids dat het smelten van de permafrost (permanent bevroren ondergrond) een groot probleem is. Nu in september zou de permafrost terplekke onder onze voeten zo’n 30 cm diep moeten zitten.
Ik geloof hem niet en dus gaan we met zijn allen graven. Heerlijk die spontaniteit. Terplekke graven we dieper en dieper in het zand. Zolang we nog kunnen graven is er dus geen permafrost. Ik zit met mijn hoofd inmiddels in een gat van anderhalve meter diep als ik ergens een herkenbaar donderend geraas en gekraak hoor. Ik veer overeind, kijk naar de ijswand en jawel….. onze scheur is verdwenen en het bijbehorende ijsblok stort met veel geweld naar beneden! Daar zaten we al die tijd op te wachten/hopen!!!!
Ik realiseer mij dat ik de videocamera aan heb staan en ren zo hard als ik kan naar die plek. Zwevend over oneffen terrein, omhoog, omlaag, stenen, kleien, spierpijn even vergetend…. En ook een steentje over het hoofd gezien. Boem…. Daar lag ik. De adrenaline giert door mijn lijf dat ik zelfs de meteen groeiende bult op mijn knie even vergeet. Ik klauter overeind en ren door naar mijn camera. YES!!!! Die staat nog steeds op opnemen, dus de val van de ijsmuur moet er ook op staan!
Mijn reisgenoten zijn mij inmiddels gevolgd en met elkaar proberen we de opgenomen beelden te bekijken. Tegelijkertijd valt er nog een stuk ijsmuur. Shit, die kan ik dus zo snel niet opnemen. Ik zet de video weer paraat om dat wel te doen bij een eventuele volgende keer. Het is net een theater. We zitten rij aan rij eerste rang te kijken naar de krachten van de natuur. Niet ademloos, want de opwinding zorgt ervoor dat bij elke dreigende instorting het aantal decibel gejuich hoger wordt. Het gekreun en gesteun van de uit zijn voegen barstende gletsjer horen we nauwelijks.
De derde grote crash van de ijsmuur volgt al snel. Ook die staat op mijn videocamera. Wow. Wat een schouwspel. Wat een ontlading. Dit is meer dan we ooit hadden durven dromen! Wat een mazzel dat wij dit mogen meemaken! Wat een extra kado op deze evengoed al geslaagde missie. Onze gids zegt het treffend met zijn gevleugelde uitspraak: “AWESOME!!!”
Uiteindelijk verlaten we opgewonden onze theaterplek en pakken het kamp weer in. Tijd om af te reizen naar ons hotel bij het vliegveld. Warme douche, zacht bed, schone kleren en een fatsoenlijke (lokale) maaltijd. Het wordt nog een wandeling van een uur of twee langs en in de opgedroogde rivierbedding. Daar waar 10 dagen geleden na het leeglopen van het meer nog woeste watermassa’s met ijsblokken een uitweg zochten naar zee.
Moe, maar voldaan komen we aan bij het hotel in Kangerlussuaq. Meteen even de bewoonde wereld thuis bellen. De douche voelt als een welkome massage en het bed is te verleidelijk om niet even in te gaan liggen. Tijdens de maaltijd worden nog wat stoere verhalen uitgewisseld. We zien dat het buiten toch weer helder is en vragen de ober wanneer er kans is op noorderlicht. Hij gaat meteen kijken en meldt dat het buiten al te zien is. We stormen als een stel kleine kinderen die eindelijk weer eens mogen buitenspelen naar buiten. We lopen de weg af naar een donker stuk en ik ga op de grond op het asfalt liggen om te genieten van het schouwspel. Het was iets minder sterk dan twee nachten daarvoor, maar het was ook een stuk aangenamer en makkelijker vol te houden. Heb geprobeerd wat foto’s ervan te maken. Na een half uurtje zwakt het af en zoekt iedereen zijn bed op. Schuldbewust schuif ik het schijven van mijn reisverslag voor mij uit.
Ben nu echt even te moe na deze ontberingen. Uit de kamer van Reinoud komt nog licht…. De dappere dodo is alweer aan het monteren en stukjes doorzenden aan RTL. “Bikkel”, denk ik nog, terwijl ik mijn prinsheerlijk omdraai in mijn comfortabele, zachte, warme bed om in een diepe slaap te vallen.
Bekijk het beeld: gletsjer brokkelt af voor de camera
Dag 4 - Expeditie Groenland 2010
De tweede nacht kamperen op het ijs zit erop. Het was de koudste nacht van de expeditie met op de thermometer -8 °C, maar met de wind en de heldere hemel was de gevoelstemperatuur -20!
Het kamperen op zich wendt. Een beetje, dan. Het blijft behelpen met de kou. Het valt me op dat we lang hebben geslapen (tot 9 uur!). Het voelt niet zo, maar wellicht komt dat omdat je ’s nacht zo vaak wakker wordt. De thermomatjes liggen vrij hard, de spieren zijn flink gebruikt en zowel op de rug, de zij als de buik ligt het nooit lang lekker. Dus slaap je erg onrustig.
Voor het expeditieontbijt moet heet water gemaakt worden. Dat doe je door vloeibaar water uit de beek te verhitten, zo nodig aangevuld met wat sneeuw of ijs. Alleen zijn alle beekjes door de koud bevroren…. Met alleen ijs kom je er ook, maar dat kost meer energie en tijd om de klus te klaren. Ach, we hebben de tijd….. Het kamp was in elk geval goed beloopbaar, want onze ijzers hadden veel kleine gaatjes gemaakt en dat voorkwam gladheid
.Na het ontbijt moest alles ingepakt worden voor de hike naar de volgende slaaplocatie. Dat is ook al een expeditie op zich. De grote slaapzak, de donzen jas, de thermomat, de tenten…. Allemaal moesten ze weer in piepkleine hoezen worden gepropt en gevouwen. Maar welke hoes hoort waarbij? Ze zien er allemaal te klein uit. Ik heb geen flauw idee waar ze bij horen, ik probeer maar wat.
Uiteindelijk zit alles weer in de rugzak en met volle bepakking lopen we terug naar Point 660 (daar eindigt/begint de weg naar de bewoonde wereld aan de rand van de ijskap). De vlakke dalen blijven verleidelijk om even over te steken, maar menigeen zakt uiteraard door het dunne ijs wat eronder ligt! Dit keer hebben we de mazzel dat het waterniveau erg laag ligt. Het gehalte natte voeten valt daardoor mee, maar het blijft lastig lopen.
Het is goed zichtbaar dat de ijskap niet meer de omvang heeft van jaren geleden. Toen heeft Audi nog een race gehad op de ijskap en liep de weg meteen over in het ijs. Nu zit er een grote puinberg tussen en een vallei met puin, rotsen, zand en watertjes. We moeten over het puin achtergelaten door de terugtrekkende gletsjer weer naar de weg, maar het pad van een paar dagen terug is alweer verlegd. De plek waar ik op de heenweg nog bijna in de afgrond stortte is nog smaller geworden en na vandaag helemaal niet meer bruikbaar, vrees ik.
We mogen de bagage droppen bij Point 660. Van daaruit lopen we zonder bepakking naar het leeggelopen meer. Het terrein is begroeid met een soort heideachtige planten. Soms drassig, maar vooral ook oneffen terrein. Waar 10 dagen geleden nog water lag, is het soms heel modderig en drassig. Ik zak weg ik iets wat lijkt op drijfzand! Gelukkig kan mijn reisgezel mij op tijd eruit trekken, maar mijn schoenen zitten tot over de enkels onder de drab. De bodem van het leeggelopen meer is een afwisseling van ijsblokken, rotsen en zand/modder…. Uit de wind is het goed warm! Alle jassen en ritsen gaan open, maar zelfs dat koelt weinig. Eenmaal bij de ijswand in de schaduw is het weer berekoud.
Tijd voor uitrusten was er niet: de bus naar de volgende slaapplek wachtte. Dus weer terug over het onregelmatige terrein. Ik merk dat ik moe ben en dat ik veel van mijn lijf vraag. Mijn spieren draaien overuren en af en toe doe ik een schietgebedje dat ik geen enkels of knieën breek. AL met al twee en half uur gelopen: dat voel ik aan mijn voeten! Ben afgepeigerd. In de bus (nou ja, een soort kleine vrachtwagen omgebouwd voor toeristentransport), achter het raam in de zon is iedereen muisstil. Allemaal beetje rozig, bijkomend van de trip. Mijn voeten tintelen, mijn huid gloeit. Denk niet dat ik verbrand ben dit keer, want ik heb mij vanochtend met zonnebrand ingesmeerd. Het zal de inwendige hitte zijn na de sportinspanning.
Na een kwartiertje in de bus werden we er weer uitgezet. Pfoeh… ben nog amper bekomen. We moeten met volle bepakking gaan lopen naar de kampeerlocatie: ongeveer een uur verderop! De skistokken moeten het lopen iets vergemakkelijken. Mijn knieën doen zeer, mijn voeten willen een massage en mijn spieren voelen zwaar. Ik geef een van mijn skistokken aan Reinoud, die last heeft van zijn rug. Doorbijtend beklimmen we de laatste heuvel. Frank gaat zelfs nog een keer de heuvel af om de rugzak van de Canadese weervrouw over te nemen. Zij zat er echt doorheen. Heel dapper en attent van Frank!
Maar na die heuvel kwam de beloning! Wow…… Als Japannertjes staan we driftig het uitzicht te fotograferen: een enorme gletsjermuur van ijs, met een vette, blauwe (dus verse!) scheur. Dat is Russell Glacier! Grijze (oude) ijswanden, witte (verse) ijsbrokken, blauwe scheuren met de wiggen er nog tussenin. Het geklik van de camera’s overstemt bijna het geluid uit de gletsjer: variërend van het knappen van iets wat op spanning staat, het gerommel (als bij bliksem) van scheurende ijsplaten en het donderend geraas van stukken ijs die van de wand afbreken. Wow!
Waar het kamp moet komen dropt iedereen snel zijn spullen om vervolgens gauw de omgeving te gaan verkennen. We mogen niet te dicht bij de wand komen. Als er toevallig net een stuk afbreekt, kan dat tot ver doorstuiteren en iemand verwonden. De ondergrond is zacht. En warm vergeleken met het ijs. Bij het opzetten van de tenten besluit ik dapper dat ik vandaag wel in de bivakslaapzak buiten ga overnachten. Eerst het eten prepareren en gezellig ‘natafelen’ op de comfortabele relatief warme ondergrond. Dat was andere koek dan die harde, koude ijskap. Meteen komen de echte gesprekken op gang en vooral ook de wilde ideeën om krachten te bundelen. Het gezelschap bevat weermensen, directeuren uit het bedrijfsleven, ondernemers, organisatoren en cameramensen. Met allen één passie: duurzaamheid.
Ondanks de betere omstandigheden heb ik het vooral koud. Nu is dat bij mij vaker ’s avonds na sportinspanningen, maar dit is wel heftig. Ik ben de enige die met alle kleren aan EN met slaapzak in de ronde kring zit. Brrrrrr.
Ik ben met alles aan mijn bivakzak ingeschoven. Ik hoopte misschien wat noorderlicht te kunnen zien vannacht en dan zou ik alarm slaan. Maar toen ik eenmaal lag, voelde ik spetters in mijn gezicht. Nee, hè! Heb ik weer! Remco en Alfred (die ook buiten wilde slapen) besluiten alsnog een tent op te zoeken. Frank en ik hadden de enige beschikbare waterdichte bivakslaapzakken. Ik probeer een houding te vinden waarbij de druppels van de bivakzak niet in mijn gezicht vallen, de regen niet kan binnendringen en ik ook nog wat verse lucht kan inademen. Mission Impossible! Ik voel dat ik op een helling lig en dat geen enkele slaaphouding rust geeft. Dit is echt afzien. Het gebeurt zelden, maar ik hoop vurig dat het snel weer licht wordt…..
Dag 3 - Expeditie Groenland 2010
Ik ben vroeg wakker, 6 uur. Door het tijdsverschil van 4 uur is het gevoelsmatig al 10 uur 's ochtends. Ik moet nodig naar de wc. Da's al een expeditie op zich. Eerst moet je je uit je slaapzak zien te wurmen, in een kleine tent met temperaturen rond het vriespunt. Op de tast zoeken naar je thermokleding.
Het is een heel gedoe om aangekleed te raken, vervolgens schoenen aan en naar buiten, kruipend. Het bleek erg glad te zijn geworden, vorst na dooi plus regen. Gleed meteen uit.
Overschakelen naar plan B. Eerst terug om de stijgijzers aan te doen. Geen idee hoe dat werkt maar ik moest inmiddels zonodig dat ik inmiddels wat in elkaar geprutst heb. Voorzichtig op zoek naar beschutte WC-plek. Laten we zeggen dat het een bijzondere ervaring is om halfbloot in de ijskou je behoefte te moeten doen bij opkomend daglicht op het heuvelige ijslandschap.
Eenmaal terug gauw even de slaapzak in om op te warmen. Ik hoor dat de rest inmiddels ook aan het wakker worden is. En met hetzelfde ritueel en dezelfde worstelingen kampt. Overdag hebben we een tocht over de ijskap gemaakt met een lichte bepakking. Het weer was fantastich, je had de zonnebril echt nodig en iederen kreeg al snel een kleurtje. Het is een zeer gevarieerd, maar ook gevaarlijk landschap. Je verwacht een vlak landschap, maar het blijkt een soort miniatuurgebergte te zijn. We moeten oppassen voor ' moulins": een steentje zorgt dat het omliggende ijs wegsmelt en dat gat wordt steeds dieper en dieper. Uiteindelijk tot de bodem van de ijskap. Dik honderd meter diep.
Je hoort het smeltwater stromen. Onze gids gooit er een blok ijs in om te horen hoe diep het gat is. Het duurt vele secondes voordat we een doffe plof horen. Daar moet je dus niet zelf invallen!! Er zijn ook heel veel diepe crevasses: diepe kloven vaak ijsblauw ijs ontstaan door het krachtenspel van werkend ijs. Het wordt steeds verder uitgeslepen door smeltwater en kan ook heel erg diep zijn. Het valt me zo op dat het terrein zo onregelmatig is. We moeten erg veel klimmen en dalen. Een steile heuvel smelt anno 2010 10 meter per jaar af. Hier althans,verder naar het midden van de ijsvlakte gaat het langzamer.
Het landschap verandert hier voortdurend. Wijsheid van de dag: pas op voor sneeuw! Wat een rare opmerking op een sneeuwrijke ijskap, maar het blijkt dat de meeste sneeuw in de dalen ligt op een dun laagje ijs waaronder stromende beekjes verborgen liggen. Dat was dus de reden waarom ik gister iedere keer natte voeten haalde! Het zijn de vlakkere gedeeltes. Het lijkt makkelijk lopen, maar het is dus erg verrraderlijk. We hebben gelopen over smalle spleten, dunne bergkammen van sneeuw en ijs, langs smeltriviertjes, springend over de crevasses. Als ik eerlijk ben: ik heb wel af en toe een schietgebedje gedaan. Zeer ruig en onvergetelijk.
Wonderbaarlijk genoeg hebben we het kamp na zes uur lopen teruggevonden. Uiteindelijk hadden we volgens onze gids toch maar 3 kilometer afgelegd. Lang leve onze ijzers. Er zijn wel wat goretex-broeken gesneuveld door die scherpe punten. In het basiskamp even thee en koffie en uitrusten. Niet te lang want voor zonsondergang willen we nog gaan ijsklimmen. Ik heb overal stijve spieren, mijn voeten voelen vermoeid en m'n blaren drijven. Maar deze kans laat ik me niet ontnemen. We hebben een steile ijswand gevonden van ongeveer 10 meter hoog. Als een ervaren berggeit klom onze gids erop, sloeg een stevige pin in het ijs en daarvandaan een klimtouw naar beneden, dat werd vastgemaakt aan je klimgordel. Om en om mochten we ons met ijshouwelen naar boven bikken. Het was zwaar maar ook kicken en leverde prachtige foto's op. Op de weg terug, stap ik in een laagje sneeuw. Foute boel! Ik zak met mijn rechterbeen meteen diep in het water. Ik kan me nog net snel voorover laten vallen met mijn rugzak achterop. Het gat bleek meer dan 1 meter diep te zijn. Het had dus nog erger gekund.
In het kamp voedsel gemaakt op de biobrander, een soort konijnenvoerkorrels, ik dacht eerst dat het een soort expeditievoedsel was en ik had het al bijna in mijn mond maar het bleek geperst hout te zijn. Ach, op de ijskap smaakt iets al snel lekker. 's Avonds koelt het heel snel af. Het is helder en er staat heel veel wind. Iederen gaat weer vroeg de tent in om de kou te ontlopen. Het belooft een koude nacht te worden. Reinier en Remko slapen in een bivakzak buiten. Onder de blote hemel. Ik heb zelf veel moeite om goed warm te blijven. De tent wappert in de wind en ik hoor mezelf klappertanden.
Om halftwaalf gaat het kampalarm af: Het is Reinier, brullend, 'jaa, jaa, jaa, poollicht, poollicht, Frank, poollicht!!!" Dwars door mijn oordoppen heen leek het wel of er een luidspreker aanstond. Reinier bleek 1 meter achter mijn tent te liggen en zou ons waarschuwen als hij poollicht zou zien. Het was weer een hele exercitie om aangekleed buiten te komen, maar het was de moeite waard. Een heldere sterrenhemel met prachtig poollicht. Groene gordijnen in het noordwesten, met een smalle sliert dwars over de hemel naar het zuidoosten eindigend in een tweede groen gordijn. Maar het was echt te koud. Na 5 minuten rillen, gevoelstemperatuur min 20, ben ik de tent in gevlucht.
Dag 2 - Expeditie Groenland 2010
Vandaag vliegen we naar Kangerlussuaq. We krijgen een volle zware rugzak mee. Dat is even wennen. En dan heb ik zelfs nog opladers en kleding achtergelaten in Kopenhagen. Blijft zwaar die tas. Bij de gate ontmoeten we een onderzoeker uit Groningen. Hij had bij RTL gehoord dat we naar Groenland gingen.
Zelf ging hij promotieonderzoek doen naar Groenlanders in Denemarken en hun in Groenland achtergebleven familieleden. Hij heeft ons de eerste twee woorden Groenlands geleerd. 'Aap' en 'Suu', en dat betekent allebei ja.
Het vliegtuig is opvallend groot en ik kom bij toeval op een raamplaats. De buurman had mijn gangplek geconfisceerd en wist al aardig wat te vertellen over andere zaken in Groenland. Hij ging naar het uiterste noordwesten, naar een Amerikaanse basis, als ingenieur klussen aan een 'powerplant'. Hij vertelde dat er vroeger een Nederlandse nederzetting met walvisvaarders in het zuiden zat. Op de kaart vind ik een plaatsje Julianahag. Betekende volgens hem Juliana's hoop.
Aanvliegend op Kangerlussuaq klaart het op en zie ik de ijskap liggen. Snel foto's schieten. Als enige inernationale airport van Groenland hebben ze welgeteld 1 gebouw: vertrekhal, aankomsthal, restaurant, lokale bar, hotel en conferentieruimte in één. We ontmoeten onze gids, de IJslander Gummi. En hij krijgt gaandeweg de naam gummi (polar) bear. Hij reist 200 dagen per jaar op gletsjers in IJsland en Groenland en vindt het leuk zo'n enthousiate groep als de onze te gaan begeleiden. Heb ter plekke mijn rugzak 4 keer opnieuw moeten inpakken omdat het gewicht niet goed verdeeld bleek te zijn. Iedereen krijgt ook veel gemeenschappelijke spullen mee. Waaronder de sleeën, expeditievoedsel, tenten, kookgerei, ter plekke werd er wasbenzine ingeslagen want dat mag niet mee in het vliegtuig.
Met een soort keet op hoge wielen werden we naar point 660 gebracht. Het bleek de langste weg van Groenland te zijn, 45 kilometer, maar je kunt het amper een weg noemen. Het is erg hobbelig, veel stenen en gaten, maar de wagen heeft gelukkig een goede vering. Onderweg een poolvos gezien, brokstukken van een in 1953 neergestort vliegtuig, poolhaasje en ijsblokken op de weg.
Die bleken van een overstroomd meer te zijn. 10 dagen eerder hebben ze een vloed gehad. Het vele smeltwater in het meer had het ijs omhoog geduwd en het meer was er onderdoor weggelopen. Het meer was nu voor 90% leeg. Dit is de afgelopen 4 jaar 3 keer gebeurd. Vroeger kwam het ook wel voor, maar veel sporadischer, eens in de 10 tot 20 jaar. Op point 660 moesten we eruit, het einde van de weg. De naam verwijst naar de hoogte, 660 meter op het eindpunt van de weg, bij de aanleg in 2000. Inmiddels is dat punt nog maar 580 meter hoog. Vroeger begon daar de ijskap, nu moeten we nog een paar honderd meter lopen door achtergelaten puin van de gletsjer. Eenmaal op het ijs beland is het aardig balanceren, het is best glad, we hebben alleen onze gewone bergschoenen nog aan. Ik ben een paar keer weggezakt op dun ijs waar water onderdoor liep, dat betekende natte, en dus ijskoude voeten!!!!!!
Na twee uur lopen vonden we een plek om het basiskamp te maken. Het was best koud, het vroor net niet, maar er stond wel een ijzig windje. Het was wat stuntelen om de tenten op te zetten op een gladde ondergrond zonder gebruiksaanwijzing. Daana moesten we ijs zoeken om te smelten en daarmee konden we het avondeten gaan maken. Dat was mijn eerste kennismaking met expeditievoedsel. Je mengt poeder met water en je hebt zowaar een smakelijke maaltijd. Of ik dat thuis ook nog zou vinden, betwijfel ik, maar hier veranderen je zintuigen en is alles anders.
Het is te koud om lang buiten te blijven, om acht uur duikt iedereen zijn bed in. Ik probeer mij in een soort warme slaapzak te worstelen. Daaronder ligt een dun thermomatje wat in principe de kou van het ijs tegen moet houden. maar het matje is vrij smal en je glijdt er snel vanaf. Gelukkig gaat mijn slaapzak volgens het labeltje tot min 40. Toch voel je het meteen als je naast het matje terecht bent gekomen. Door de harde ondergrond heb ik wat onrustig geslapen, ik ben blijkbaar een zijslaper, maar dat houd je niet lang vol op zo'n dun matje. Op je rug trouwens ook niet, maar ik ben doodmoe en val vrij snel in slaap. Ik heb het 's nacht nog wel even horen regenen, hier en daar overstemd door het gesnurk uit de buurtenten, ondanks mijn oordopjes.
Dag 1 - Expeditie Groenland 2010
Bij het inpakken was er maar een doel: zo licht en compact mogelijk. Maar ja, het is mijn eerste keer naar zo'n locatie. Je weet toch niet wat je te wachten staan. Is het warm, droog, nat, koud, winderig, sneeuwstormen? Moet ik EHBO-spullen meenemen of doet de organisatie dat?
Uiteindelijk heb ik alles in één weekendtas kunnen proppen. Met handbagage erbij was het 'slechts' 11 kilo. Waarvan zeker één kilo noten (noodvoorraadje) en een halve kilo extra pure chocola (het moet wel leuk blijven ;-) )
Op Schiphol werden we verwelkomd door RTL Boulevard. Onze collega's hadden de moeite genomen ons uit te zwaaien onder genot van een paar pittige vragen. Tijdens het interview zie ik Reinoud Broekhuijsen achter de camera een sprintje trekken. Een kwartiertje later werd mij duidelijk waarom. Terwijl ik aan RTL Boulevard trots mijn kersverse bergschoenen liet zien, bedacht Reinoud dat de zijne nog thuis stonden! Met een taxi is hij naar huis gescheurd (niet zo klimaatneutraal) en hij was gelukkig net op tijd terug voor de vlucht vertrok. De stemming zat er al goed in!
Tijdens het uurtje vliegen naar Kopenhagen veranderde het weer van een vriendelijk stapelwolkje boven Nederland (die wolken zijn van bovenaf echt net van die plukjes vette watten zwevend in de lucht) naar een donker bewolkt en regenachtig Kopenhagen. Dat ze in Denemarken aan groene energieopwekking doen, was tijdens de landing zichtbaar met windmolens in zee. Voor wie zich afvraagt of dat vliegen van ons wel zo bijdraagt aan een schoner milieu: alles tijdens deze expeditie wordt gecompenseerd met het aanplanten van bomen om de extra uitstoot van CO2 weer vast te leggen in nieuwe groeiende bomen.
In Kopenhagen ontmoetten we onze andere expeditieleden in het hotel. Het hotel is een van de eerste klimaatneutrale hotels in de wereld. De gevel is bekleed met zonnepanelen. De warmte en koeling wordt verzorgd door warmtepompen: met een pijp in de grond halen ze zomers koel water omhoog en het opgewarmde water gaat elders weer de grond in. 's Winters is dat andersom. Het voordeel is dat je het hele jaar een vrij constante, comfortabele temperatuur hebt zonder airconditioning of verwarming. Dat bespaart ze 50% op de energierekening ten opzichte van een hotel van vergelijkbare grootte. Reinoud heb ik door het hotel zien zwerven met camera om daar verslag van te doen.
De Canadezen (TV Radio Canada uit Montreal) waren zondag al aangekomen. Eentje was nog steeds driftig bezig zijn niet aangekomen bagage op te sporen. Als dat niet lukt, moet hij morgen van iedereen maar wat onderbroeken lenen. De rugzakken met daarin persoonlijke zaken zoals slaapzak, slaapmat, waterdichte broek en jas, thermofleece, donsjas, bivakmuts en handschoen werden uitgedeeld. Dat was al best gewichtig, maar onze eigen spullen moeten er nog bij EN de algemene spullen als tenten, slee, kookgerei, etc. Het kan niet anders dan dat we na deze zes dagen hiken op de ijskap enorme spierballen hebben gekweekt (of dat we de ziektewet in kunnen vanwege een overbelaste rug ;-))
's Avonds na het diner kregen we van Reinier de weersverwachting van onze logeerplek op Groenland te horen. Het meest hoopvol was dat de zon momenteel erg actief is, zodat we bij heldere hemel wellicht getrakteerd worden op het Noorderlicht (Aurora Borealis). Dat zou helemaal fantastisch zijn! Ook werden we door iemand van het Deense Klimaatinstituut bijgepraat over de klimaatverandering die nu plaatsvindt op Groenland. Het blijkt dat aan de oostkust (dus aan de kant van IJsland) de opwarming vele malen sneller gaat dan aan de westzijde (de kant van Canada). Aan die westzijde warmt het ook al sneller op dan midden op Groenland. De ijskap zelf wordt dikker in het midden, maar aan de flanken waar het ijs de zee instroomt, smelt het ijs schrikbarend snel.
Er zijn voorbeelden van gletsjers die zich in tien jaar tijd net zo ver hebben teruggetrokken als in de 150 jaar ervoor! Het gaat dus de laatste jaren ongekend snel! Komende dagen gaan we een gletsjer bezoeken en er een nacht bivakkeren. Juist de smeltende gletsjers op aarde zijn voor het merendeel verantwoordelijk voor de zeespiegelstijging die we tot nu toe hebben gemeten. Nu denk ik niet dat wij in Nederland wakker hoeven te liggen van een beetje zeespiegelstijging. Dijken bouwen en inpolderen zit in ons DNA. Maar in landen als Bangladesh moeten wel meer dan een miljoen mensen vluchten voor het wassende water. En zo zijn er meer plekken op aarde waar de opwarming met een stijgende zeespiegel vele klimaatvluchtelingen oplevert.
Ook wordt de totale oppervlakte met ijsbedekking rap minder en dat heeft grote gevolgen voor het klimaat wereldwijd. Hoe het precies in elkaar steekt, wat er eerst was (het kip of ei-dilemma) en welke gebeurtenissen elkaar versterken of juist verzwakken, dat weten we niet. Er moet veel meer onderzocht worden! En mijn ervaring is: hoe meer je weet, hoe meer je ervaart dat je eigenlijk nog veel te leren hebt.
De dag kreeg nog een verrassend staartje. Bij het overhevelen van mijn persoonlijke spullen naar de grote rugzak kwam ik er achter dat ook ik wat moet gaan lenen van mijn expeditiegenoten. Tot mijn ontsteltenis bleek namelijk mijn ondergoed spoorloos verdwenen! Heb ik weer! Nu heeft de enige andere dame in het gezelschap niet mijn maat en de heren... tja... wordt vervolgd.
Ik ben druk met alles te verzamelen voor mijn reis naar Groenland. Een eiland zo groot als heel West-Europa! Ik ga kamperen op de ijskap om te zien, horen, ruiken, voelen en proeven hoe dit kwetsbare gebied reageert op veranderingen in ons klimaat. Groenland is de thermometer van onze klimaatverandering.
Groenland heeft de op één na grootste ijskap ter wereld (Antarctica is de grootste). Dat ijs op land is een enorm zoetwaterreservoir dat een buffer vormt voor ons klimaat. IJskappen zijn wit en daarmee wordt het zonlicht direct gereflecteerd. De warmte van de zonnestralen wordt dus niet opgenomen door de aarde en de atmosfeer blijft daardoor relatief koel.
Met de opwarming van ons klimaat in de afgelopen 150 jaar blijkt de ijskap te smelten. Onlangs werd bekend dat het proces minder snel ging als eerst aangenomen, maar het ijs smelt nog steeds. Daardoor krijg je minder wit oppervlak en kan de atmosfeer verder opwarmen.
Bovendien wordt het gesmolten zoete water toegevoegd aan onze oceanen. Als dat met grote hoeveelheden maar snel genoeg gaat, krijg je een 'tipping point' in ons klimaat. Het kan dan gaan omklappen. Door de toevoeging van zoet water wordt de warme golfstroom in de Atlantische Oceaan beïnvloed. De laatste 12.000 jaar schijnt dat drie keer gebeurd te zijn en gaf dat een omslag in ons gangbare klimaat.
Daarnaast drukt het ijs het onderliggende land naar beneden. Zie de aarde als een enorm waterbed. Als je ergens druk op uitoefent, komt het bed ergens anders weer omhoog. Ik kan mij nog een vakantie in Amerika herinneren met mijn ouders en zusje. Ik sliep in een waterbed met mijn zus. Zij sliep zo onrustig, dat als zij omdraaide, ik gelanceerd werd aan de andere kant. Sindsdien heb ik het niet zo op waterbedden.
Met het ijs op land gebeurt hetzelfde. Doordat vroeger zoveel ijs op Scandinavië heeft gelegen (ijstijden), lag Nederland hoger. Sinds dat ijs is gesmolten, komt Scandinavië omhoog en zakt Nederland. Net als met dat waterbed. Als Groenland omhoog komt door dat smeltende ijs, moet het ergens anders in de wereld weer zakken. En dan is die stijging van de zeespiegel een dubbel zo erg feit.
Dat Groenland wat groener wordt, is ook wel gunstig. De landbouw kan zich daardoor gaan uitbreiden. Er komen planten en dieren terug die er voorheen niet waren. En met de groeiende wereldbevolking kunnen we elk stukje bruikbare landbouwgrond goed benutten. Misschien wordt het daardoor ook makkelijker sommige grond- en delfstoffen te ontginnen.
Wat verwacht ik van deze expeditie? Geen idee. Kamperen op de ijskap betekent primitief overleven. Geen douche, toilet, elektriciteit... Misschien wel ijsberen. Thermokleding mee, camera mee met extra batterijen, videocamera mee, plastic bord, kop en bestek... Ik ben dat niet gewend, dus liep als een complete nerd door een enorme outdoorwinkel. Ik werd gek van de keus die er was. Alles leek nuttig en onmisbaar.
Maar je moet het ook allemaal meesjouwen, naast de algemene rugzak van 15-20 kilo met tenten, slaapzakken, kookgerei voor algemeen nut. De kleding moet waterdicht zijn, maar ook comfortabel. En dat is niet het goedkoopste spul. Bij de kassa was mijn mandje vol, maar mijn portemonnee leeg.
Nu ligt alles aan de oplader en probeer ik de laatste zaken te regelen. Mijn gezinnetje moet ik een week missen. Op de ijskap is er slecht of geen bereik, dus het is zelfs afwachten of onze items voor RTL wel doorgezonden kunnen worden.
Maar we gaan het proberen. Zodat iedereen mee kan kijken met ons avontuur. Nu eerst door de inpakstress heen. Mijn hemel: voor je alles bij elkaar hebt, aan alles gedacht hebt, ben je alweer aan een nieuwe vakantie toe!
Is het trouwens wel zo vriendelijk voor het klimaat om zo’n reis te maken? Ter geruststelling: onze trip is klimaatneutraal en wordt netjes gecompenseerd. Een persoonlijke ervaring is ook veel waard! En hopelijk komen we met mooie verhalen terug!
Ik weet zeker dat ik prachtig materiaal ga verzamelen voor mijn lezingen over klimaat en duurzaamheid! En hopelijk krijg ik antwoord op de vraag of Groenland nou wit is met groene stippen of groen met witte stippen.


