De hele dag in Denver kom ik mensen tegen die trots vertellen: "ik ben een gedelegeerde, ik ben op de conventie om te stemmen!"
Een mevrouw in de lift van mijn hotel voegt er aan toe: "en ik kom helemaal uit Guam!". Duizenden kilometers is ze gevlogen vanaf haar eiland in de stille zuidzee en eigenlijk voor niets. Want de conventie is allang geen echte vergadering meer waar wordt gedebatteerd over het partijprogramma en gestemd over de aanvoerder van de Democraten. Al die zaken zijn van te voren geregeld.
De conventie is nu vooral een verkooppraatje. Een gelikte show waarin bekende partijgezichten aardige dingen zeggen over Barack Obama. En de strijdbijl tussen hem en de Clintons zorgvuldig zal worden begraven. De meer dan vierduizend afgevaardigden zijn niet meer dan gezellig klapvee. Hun enige rol is flink te juichen en er vrolijk uit te zien op tv.
Elke staat heeft een eigen plekje op de tribune. Maar het is dringen want de meest prominente plaatsen in het charmant vernoemde 'Pepsi Center' zijn gereserveerd voor tv-zenders. De presentatoren van de drie grote kanalen zitten pontificaal in het midden van de zaal, plek waar ook honderden politici hadden kunnen zitten. Maar de tv-stations zenden elk dagelijks een uur live uit vanaf de vloer.
Zoveel reclamezendtijd zou de campagne nooit kunnen kopen, daarom hebben de televisiemakers voorrang op trouwe partijleden. De mevrouw uit Guam zit er niet mee. "Het wordt een geweldig feest", zegt ze stralend.
© RTL Nieuws.nl