Afgelopen weekend is de Ferrari 250 Testa Rossa uit 1957 voor ruim 9 miljoen euro verkocht. De Shelby Daytona Coupé die in Indianapolis onder de hamer ging heeft het gereserveerde bedrag niet gehaald.
Afgelopen weekend is de Ferrari 250 Testa Rossa uit 1957 voor ruim 9 miljoen euro verkocht. De Shelby Daytona Coupé die in Indianapolis onder de hamer ging heeft het gereserveerde bedrag niet gehaald.
Tijdens de Leggenda e Passione veiling in Maranello ging het bieden op de
Ferrari door tot een anonieme liefhebber aangaf € 9.020.000,- te willen betalen. Dit is bijna twee miljoen euro meer dan vorig jaar voor de 250 GT SWB California Spyder werd betaald, destijds de duurste Ferrari ooit geveild. Met dit uitzonderlijk hoge bedrag van ruim 9 miljoen euro, is dus ook een nieuw record gezet. Nog nooit werd er op een veiling zo veel geld betaald voor een auto.
Een andere klassieker, waarvan werd gedacht dat de ‘magische’ tien miljoen dollar grens zou worden bereikt, is niet verkocht. Tijdens de veiling in Indianapolis begon het bieden op de Shelby Daytona Coupé bij 5 miljoen dollar, waarna snel op werd opgeboden tot 6,5 miljoen. Daarna nam de interesse af en kwam het uiteindelijke bod op de auto tot 6,8 miljoen dollar. Niet genoeg echter om de minimale prijs te halen die door de verkoper was gesteld. Voorlopig blijft de Shelby Daytona Coupé dus onverkocht.
De eveneens zeldzame Ferrari 330 P4, die ook kanshebber was voor de duurste auto ooit geveild, vond ook geen koper. Het minimaal gestelde bod van 7,5 miljoen euro werd in Maranello niet gehaald. Ook de Maserati 250F uit 1956, waarin Sir Stirling Moss de GP van Monaco won, wist niet het minimaal gestelde bod te bereiken. De veilingmeesters wisten wel de allerlaatste F430, die eind dit jaar wordt gebouwd, voor € 180.000,- te slijten. Dit bedrag zal gebruikt worden om te helpen bij de wederopbouw van het aardbevingsrampgebied rond de Italiaanse stad Abruzzo.
© AutoVisie.nl