Setverslag: Verlegenheid of levensangst?


HERMAN BROOD AND HIS WILD ROMANCE HERLEVEN IN GRONINGEN

GRONINGEN - Het is een druilerige middag in het centrum van Groningen. In de Peperstraat, waar het iedere uitgaansavond spitsuur is voor studenten en stadjers die zich vermaken in de talloze restaurantjes, kroegen en disco’s, is het overdag normaal gesproken uitgestorven. Vanochtend is het echter opvallend druk, vooral voor Jazzcafé De Spieghel.

Mensen lopen met kabels te sjouwen, er staat een lange rij vrachtwagens en verderop zijn twee mannen met een installatie lampen in de weer. Buiten staat een kleine vrouw op haar tenen door het raam te kijken om een glimp mee te krijgen van wat zich binnen in het café afspeelt. Na een paar minuten haalt de vrouw haar schouders op en loopt verder, haar hondje met zich mee trekkend.

Voor even is dit stukje van de Groninger binnenstad het territorium van de filmcrew van WILD ROMANCE, de in november 2006 te verschijnen film over het leven van rockmuzikant en kunstenaar Herman Brood.

WILD ROMANCE wordt geregisseerd wordt door Jean van de Velde (ALL STARS, FLORIS, LEK) en richt zich op de periode van 1971, het jaar van de ontmoeting van Brood (Daniël Boissevain) en zijn manager Koos van Dijk (Marcel Hensema) tot 1974, waarin Brood en zijn band ‘Wild Romance’ een tournee maakten door Amerika.

Waarom staat juist die periode centraal? Van de Velde: ‘Ten eerste omdat die periode in mijn ogen muzikaal gezien de meest interessante periode is.

'Ten tweede vanwege het dramatische aspect ervan: in die paar jaar speelde zich het verhaal van een jongensdroom af: twee jochies die het van een kroeg in Winschoten schoppen tot de climax in Amerika.’

Die Amerika –verhaallijn wordt in twee delen gesplitst: de exterieur –shots worden in december 2005 in New York gefilmd, terwijl de interieur –scènes in Nederland worden opgenomen.

Om die reden dient het Groningse jazzcafé –waar de echte Herman Brood aan het begin van zijn carrière ook regelmatig heeft opgetreden - vandaag als substituut voor de binnenkant van een jazzclub in Nashville in de jaren 70 – inclusief een publiek bestaande uit negers met afrokapsels en hippies met wijde broekspijpen.

In het midden van dit alles, op het podium, zit acteur Daniël Boissevain achter een keyboard. Omringd door ‘zijn’ band en filmcamera’s en begeleid door een geluidsband waarvan de volumeknop schijnbaar een eigen leven is gaan leiden, zingt hij de de Brood -klassieker ‘Never be clever’.

De keuze voor Boissevain was volgens Van de Velde een logische: ‘Daniël lijkt niet alleen veel op de echte Brood, maar komt ook qua stem dicht in de buurt. De belangrijkste reden was echter dat ik, toen ik met hem samenwerkte voor de film ALL STARS, merkte dat Daniël de meest racistische teksten kon zeggen en er op de een of andere manier altijd mee weg kwam. Net als Herman Brood heeft hij een soort charme, een glimlach waardoor hij veel kan maken.’

Als de avond valt verhuist de crew een paar huizen, naar een kleine zolder die gedressed is als een kleedkamer. Een vijftal karig geklede dames betreedt het smalle trapje naar deze filmlocatie.

Van de Velde, glimlachend: ‘Tja, Bij Herman zaten er nu eenmaal altijd meisjes in de kleedkamer. Het moet natuurlijk geen halve pornofilm worden, maar we moeten er ook niet te kinderachtig over doen.’

Inmiddels is het donker geworden en zit de opnamedag erop. Terwijl de set wordt afgebroken, de lichten, kabels en camera’s worden ingeladen en De Spiegel zich weer vult met hedendaags publiek, verzamelt een deel van de crew zich in een leegstaand pand en praat wat na.

Van de Velde: ‘Wat voor seks geldt, geldt trouwens ook voor drugs. Hoe je het ook went of keert: drugs en Herman Brood zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Achter die houding zit in mijn ogen een ontzettend angstig iemand, iemand die het leven niet durft te leven wanneer hij niet iets gebruikt heeft.'

'Hij heeft die medicatie nodig om zich te tonen aan de buitenwereld. Ik weet niet of dat een heel basale verlegenheid is of een poging tot de overwinning van een pure levensangst.’