Nederlander kan simpele financiële vragen niet beantwoorden

woensdag 04 februari 2009, 00:24:01
De gemiddelde Nederlander is financieel ongeletterd. Eenvoudige vragen over rente, inflatie en aandelen kan hij niet beantwoorden en bij de opbouw van vermogen is hij risicomijdend. Klik verder om zelf de test te doen.

Deze conclusies trekt de econoom Maarten van Rooij op basis van onderzoek waarop hij donderdag aan de Universiteit Utrecht promoveert.

Quiz

Van Rooij legde aan 1500 huishoudens 'quizvragen' over economie en financiën voor. Slechts vier op de tien mensen wist vijf eenvoudige vragen ,,die elke econoom zo kan beantwoorden" goed te beantwoorden. De Nederlander heeft echter geen last van financiële zelfoverschatting. ,,Ze weten van zichzelf dat ze weinig weten", aldus Van Rooij. Dit lijkt zich te vertalen in het gedrag. Mensen met een laag kennisniveau doen minder aan langetermijnplanning voor bijvoorbeeld het pensioen en beleggen minder in aandelen.

Lees ook het rapport, met als afsluiting een ruime Nederlandse samenvatting

Hoe goed bent u op de hoogte? Maak de quiz:

Basis kennis

1. Stel dat je 100 euro op de bank zet tegen een rentepercentage van 2% per jaar. Hoeveel geld staat er op de rekening na vijf jaar wanneer de rente niet wordt opgenomen? Meer dan 102 euro Precies 102 euro Minder dan 102 euro Geen idee 2. Stel iemand heeft 100 euro op de bank staan waarop 20% per jaar wordt vergoed. Tot welk bedrag is dit uitgegroeid na vijf jaar, wanneer de rente niet wordt opgenomen? Meer dan 200 euro Precies 200 euro Minder dan 200 euro Geen idee 3. Wanneer de rente die op een spaarrekening wordt vergoed 1% is en de inflatie is 2%, hoeveel kun je dan na 1 jaar kopen met het geld op de rekening? Meer dan nu Precies hetzelfde als nu Minder dan nu Geen idee 4. Een vriend erft vandaag 10.000 euro en zijn echtgenote erft over drie jaar eveneens 10.000 euro. Wie is door deze erfenissen rijker? De vriend Zijn echtgenoete Zij zijn allebei even rijk Geen idee 5. Stel dat volgend jaar het inkomen is verdubbeld en alle prijzen eveneens. Hoeveel kan je volgend jaar kopen met je salaris? Meer dan nu Precies hetzelfde als nu Minder dan nu Geen idee

We maken het iets moeilijker

6. Wat is de belangrijkste functie van de effectenbeurs? De effectenbeurs helpt bij het voorspellen van de winst (per aandeel) De effectenbeurs leidt ertoe dat de aandelenkoersen stijgen De effectenbeurs brengt beleggers die willen kopen en zij die willen verkopen bij elkaar Geen van deze antwoorden is juist Geen idee 7. Welke van de volgende beweringen is correct? Wanneer iemand op de beurs een aandeel in onderneming B. koopt: Bezit hij een deel van onderneming B. Heeft hij geld geleend aan onderneming B. Is hij aansprakelijk voor de schulden van onderneming B. Geen van deze antwoorden is juist Geen idee 8. Welke van de volgende beweringen is correct? Wanneer je geld belegt in een beleggingsfonds kun je je geld in het eerste jaar niet opvragen Beleggingsofnsen kunnen beleggen in verschillende categorieën, zoals aandelen en obligaties Beleggingsfondsen betalen een gegarandeerd rendement uit dat is gebaseerd op het resultaat uit het verleden Geen van deze antwoorden is juist Geen idee 9. Welke van de volgende beweringen is correct? Wanneer iemand een obligaties in onderneming B. koopt: Wanneer iemand een obligaties in onderneming B. koopt: Bezit hij een deel van onderneming B. Heeft hij geld geleend aan onderneming B. Is hij aansprakelijk voor de schulden van onderneming B. Geen van deze antwoorden is juist Geen idee 10. Een belegging in welke beleggingscategorie levert op de lange termijn (10 tot 20 jaar) normaal gesproken het hoogste rendement op? Spaarrekening Aandelen Obligaties Geen idee 11. De waarde van welke belegging vertoont over de jaren de meeste fluctuaties? Spaarrekening Aandelen Obligaties Geen idee 12. Als een belegger zijn geld spreidt over verschillende beleggingscategorieën, wat heeft dat voor gevolg voor het risico dat hij zijn geld verliest? Dat wordt groter Dat wordt kleiner Dat blijft hetzelfde Geen idee 13. Een belegger die een staatsobligatie met een looptijd van 10 jaar koopt, kan deze obligatie na 5 jaar niet verkopen zonder een boete te betalen. Waar of niet waar? Waar Niet waar Geen idee 14. Aandelen kennen normaal gesproken een hoger risico dan obligaties. Waar of niet waar? Waar Niet waar Geen idee 15. Het risico van een belegging in een aandeel is lager dan dat van een belegging in een beleggingsfonds? Waar Niet waar Geen idee 16. Wanneer de rente daalt, hoe reageren dan de obligatiekoersen? Deze stijgen Deze dalen Deze blijven hetzelfde Is niet zonder meer cijfers te berekenen Geen idee Komt u er niet uit? Klik hier voor de antwoorden

RTLZ.nl