JONGERIUS, AGNES (AFL. 21)

Ze staat zesde in een door de Volkskrant opgestelde top 200 van meest invloedrijke Nederlanders. Met die notering is zij de hoogstgenoteerde vrouw op dat prestigieuze lijstje.
Pauw en Witteman bombarderen haar prompt tot ‘de machtigste vrouw van Nederland’: Agnes Jongerius (1960, sterrenbeeld Schorpioen), de in de Meern geboren
katholieke tuindersdochter.
'Studiebol' Jongerius is eigenlijk historica. Zij studeert sociaal-economische geschiedenis op de Rijksuniversiteit in de Domstad en behaalt in 1988 cum laude haar doctoraal examen. Maar al een jaar eerder solliciteert zij - nog voor zij haar bul behaalt - met succes bij de vakbeweging.
Jongerius leert het vakbondsmétier ‘the hard way’: als bestuurder bij de Vervoersbond FNV waar de omgangsvormen destijds niet bepaald zachtzinnig zijn. De eerste drie jaar is zij regiobestuurder in Rotterdam met de binnen- scheepvaart en het beroepsgoederenvervoer in haar pakket: "Ik had nog nooit een schip, een vrachtwagen of een fabriek van binnen gezien." Vervolgens komt zij in 1990 in het bondsbestuur waar zij verantwoordelijk is voor de beleidsterreinen arbeidsmarkt, scholing en arbeidsomstandigheden.
Na Wim Kok, Hans Pont, Johan Stekelenburg en Lodewijk de Waal wordt Jongerius in mei 2005 gekozen tot de vijfde voorzitter van de FNV, en als zodanig is zij de Grande Dame van de Nederlandse vakbeweging. Inmiddels is zij al acht jaar federatiebestuurder van de vakcentrale. Een van haar eerste portefeuilles in die functie is onder andere de zware portefeuille sociale zekerheid. Haar betrokkenheid met de zwakkeren in de samenleving kan zij in die functie voluit handen en voeten geven: "Aan ieder verhaal zitten doorgaans twee kanten, maar als het gaat over gesubsidieerde arbeid en armoedebestrijding weet dat ik het gelijk aan mijn kant heb".
Na wisselingen van de wacht binnen het Federatiebestuur wordt zij eerst cao-coördinator en vervolgens vice-voorzitter van de FNV. Zij bereidt in de nazomer van 2003 het Najaarsakkoord voor en bedenkt vervolgens zelf dat de 1,2 miljoen leden zich daarover voor het eerst via een referendum moesten uitspreken: een logistieke stunt van jewelste, maar vooral ook een opsteker voor de vakbondsdemocratie.
Als dat broze akkoord in het voorjaar van 2004 na een enorme clash met de toenmalige minister van Sociale Zaken Aart-Jan De Geus sneuvelt, maakt de FNV onder aanvoering van Jongerius' voorganger, Lodewijk de Waal zich op voor een hard gevecht. Agnes Jongerius vervult in dat roerige jaar de sleutelrol van 'actiecoördinator'. En met succes: op 2 oktober vindt op het Amsterdamse Museumplein de grootste vakbondsdemonstratie ooit plaats.
Bij haar aantreden als FNV-voorzitter zeven maanden later geeft Jongerius een belangrijk persoonlijk statement af: "We zijn een brede maatschappelijke organisatie die staat voor de verbinding tussen groepen (werknemers, uitkeringsgerechtigden, vrouwen, jongeren, allochtonen) in samenleving. Die verbinding, dat is denk ik de zwaarste taak die we ons zelf opleggen".