Brandend maagzuur (reflux oesophagitis) is een ziekte die veel voorkomt. De klep tussen de maag en de slokdarm functioneert niet voldoende waardoor de zure maaginhoud gedeeltelijk terugstroomt in de slokdarm. Dit zuur kan ervoor zorgen dat de slokdarm gaat ontsteken. Dit veroorzaakt een brandend gevoel achter het borstbeen. Dit gevoel is meestal gerelateerd aan eten, maar kan ook optreden bij bukken, liggen, na koffie of een heftige emotie.
In eerste instantie krijgen patiënten medicijnen om de klachten te verhelpen. Wanneer dit onvoldoende effect heeft is een operatie mogelijk. Tegenwoordig kan het door middel van een kijkoperatie (laparoscopisch). Van eigen weefsel wordt een bandje gemaakt die om de slokdarm komt, waardoor het maagzuur niet meer terug de slokdarm in kan lopen.
In de studio praten we met Robert Olffers. Hij had last van maagzuurbranden. Helaas werkte de medicatie niet voldoende en bleef hij klachten houden. Omdat hij nog jong was en dus nog veel jaren met deze klachten zou rondlopen, werd besloten om hem te opereren. De eerste operatie verliep niet goed. Na een paar dagen kon Robert nog steeds niets eten en drinken en dat bleef zo. Robert viel vele kilo’s af en moest aan de sondevoeding. Ook de tweede operatie, met dezelfde chirurg, mislukte. Het ziekenhuis vond dat hij geduld moest hebben, het zou vanzelf beter gaan.
Ondertussen zat Robert al maanden thuis. Met de sondevoeding kreeg hij alleen de noodzakelijke voeding binnen. Uiteindelijk is hij op zoek gegaan naar een chirurg met ervaring op dit gebied en kwam terecht bij professor Gooszen. Inmiddels is hij met succes geopereerd en kan weer alles eten en drinken.
Een kijkoperatie van de slokdarm is niet een erg lastige operatie, maar wel één waar ervaring en inzicht voor nodig is. Wanneer Robert geopereerd was door een chirurg met ervaring met dit soort operaties was de kans op dit soort ellende veel kleiner geweest. Maar een succespercentage van 100% wordt ook bij de meest ervaren chirurg niet gehaald. Wanneer een operatie mislukt, moet de patiënt wel informatie krijgen over wat er precies fout is gegaan en wat er gedaan kan worden ter verbetering. Behandelde artsen moeten de patiënt ook inlichten over het slagingspercentage en de mogelijke complicaties van deze behandeling zoals het nauwelijks meer kunnen eten. Met betrekking tot de complicaties moet er een actieplan zijn. Deze operaties dienen beperkt te blijven tot centra waar chirurgen en maag-darm artsen nauw samenwerken bij de behandeling van deze ziekte.
Vragen die u kunt stellen:

