Vrouwen met borstkanker willen de kanker zo snel mogelijk uit het lichaam hebben, ook als dat betekent dat de borst geamputeerd moet worden. Hoe het lichaam eruit komt te zien zonder borst is later een zorg, veel vrouwen schuiven dit van zich af. De borst kan gereconstrueerd worden, maar uit cijfers blijkt dat veel vrouwen de mogelijkheden niet kennen op dit gebied. Wereldwijd krijgt maar 10% van de vrouwen met een borstamputatie een borstreconstructie.
In de studio praten we over dit onderwerp met dr. Leonie Woerdeman, plastisch chirurg in het Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis en Loes de Vries, zij heeft borstkanker gehad. Middels een operatie moest deze kanker verwijderd worden; haar borst werd geamputeerd. Ook Loes ging ervan uit dat ze na de operatie plat zou zijn. Maar gelukkig kreeg ze een paar dagen voor de operatie een gesprek met dokter Woerdeman die haar de mogelijkheden van borstreconstructie uitlegde. Zodoende konden ze in dezelfde operatie waarin haar borst werd afgezet, alvast een begin maken met de borstreconstructie. Loes is de chirurgen daar nog steeds zeer dankbaar voor.
Het is volgens Leonie Woerdeman belangrijk om voor een borstamputatie te praten over een eventuele reconstructie. In bepaalde gevallen is het mogelijk om de borst te laten amputeren en vervolgens tijdens dezelfde operatie de borst te reconstrueren met behulp van een prothese of eigen weefsel. De oncologisch chirurg en de plastisch chirurg werken dan samen aan de operatie. Het voordeel is dat de patiënt maar één keer geopereerd hoeft te worden en dat de huid van de borst bespaard blijft. Veel vrouwen krijgen deze mogelijkheid niet voorgelegd. Dit komt omdat veel ziekenhuizen amputatie en reconstructie over het algemeen als twee verschillende fases zien waardoor de oncologisch chirurg en plastisch chirurg te weinig samenwerken.
Mogelijkheden van reconstructie
Er zijn verschillende manieren om een borst te reconstrueren. Na een amputatie ontstaan er twee problemen: er is een huidtekort en een volumetekort. Het huidtekort kan opgelost worden door huid op te rekken of door extra huid toe te voegen. De borst kan vervolgens opgevuld worden met een prothese of eigen weefsel uit de buik, rug of bil. Vaak wordt er weefsel van de buik gebruikt. Er zijn hiervoor twee methoden: de TRAM en de DIEP methode. Bij de TRAM methode klappen ze één van de rechte buikspieren om naar je borst. Bij de DIEP methode halen ze huid en vetweefsel los van de buik en stoppen het in de borst. Deze laatste methode heeft als voordeel dat de buikspier behouden blijft en het geeft een mooier resultaat. De operatie duurt echter wel 2 keer zo lang als de TRAM methode. De DIEP methode wordt maar in weinig ziekenhuizen toegepast. De TRAM is in meer ziekenhuizen beschikbaar.
Het is dus belangrijk om als patiënt te vragen naar de verschillende mogelijkheden, want niet elk ziekenhuis voert alle methoden uit. Voor het gesprek met een arts is het verstandig om u goed te laten informeren over de verschillende methodes. Op de sites van KWF en de BorstkankerVereniging Nederland komen de methodes uitgebreid aan bod.
Vragen die u kunt stellen
Deze vragen al stellen als borstkanker is vastgesteld: dus voor behandeling!

