50 gram witte basterdsuiker
100 gram zachte boter
150 gram gezeefde bloem
1 stuk(s) ei
1 pakje(s) blindbakvulling
6 stuk(s) eieren, losgeklopt
165 gram suiker
125 gram boter
2 stuk(s) citroen, schil geraspt en sap geperst
125 gram eigeel
125 gram suiker
250 milliliter slagroom
2 stuk(s) sinaasappel, schil geraspt
Basterdsuiker, 100 gr. boter, 150 gr. bloem en 1 ei mengen. Platdrukken en in de koelkast leggen.
Kleine taartvormpjes invetten en daarna bestuiven met bloem.
Het harde deeg uitrollen tot ongeveer 3 mm dikte.
Gelijkmatig in de vompjes duwen.
Afdekken met vetvrij papier en daarop rijst of gedroogde bonen zodat het deeg niet omhoog kan komen en krokant wordt afgebakken.
Op 170°c 10 minuten goudgeel afbakken.
de losgeklopte eieren, 165 gr. suiker, 125 gr. boter, citroenschil en -sap mengen en in een pan doen.
De pan op een laag vuur zetten en met een garde steeds blijven roeren.
Langzaam word de compositie gaar en als hij dik begint te worden van het vuur halen en gelijk zeven en in bak doen.
Als de vulling is afgekoeld kan deze in de afgebakken vormpjes worden gegoten en kunnen de taartjes worden afgebakken op 170°c gedurende 7 minuten.
Sla de slagroom met 60 gr. suiker lobbig. Eidooier met de andere helft van de suiker en de sinaasappelschil au bain-marie luchtig slaan, de temperatuur moet ongeveer 40°c zijn. Als de compositie luchtig is in een keukenmachine op hoge snelheid koud slaan. Met een spatel alles mengen en in vormpje in de vriezer zetten.
Leg de taartjes op een bord en doe hier een lepel crème fraîche op, leg daar de parfait op en garneer met wat stukjes verse sinaasappel.