AäronBabette mist plezier en bezieling in de performance van Aäron. “Je wil naar het conservatorium, je bent 17 jaar, je volgt drie jaar pianoles en je hebt twee jaar zangles. Waar ligt jouw struikelblok”, vraagt Babette. Aäron weet precies waar hij moeite mee heeft. “Als ik met mijn stem de hoogte in moet”, legt hij uit. “Maar ook met bewegen en performen heb ik wel moeite.” ![]() Babette vraagt of hij een stukje wil zingen. Als hij klaar is, geeft ze haar mening: “Je zingt helemaal te gek, maar ik val bijna in slaap. Weet je ook waarom? Ik mis passie, plezier en bezieling. En dat is de helft van je performance. Je moet mij gek maken. Gaat je dat lukken?” Ze vraagt of Aäron zijn liedje nog een keer wil zingen met een hele grote lach op zijn gezicht. “Volgens mij heb jij het idee dat je heel raar doet, maar dat is niet zo. Ik wil hier echt van mijn stoel afzakken”, zegt Babette. Een beetje onwennig voelt het wel voor Aäron, maar lachend brengt hij zijn liedje tot een goed einde. Maar daarmee is hij er nog niet. Babette vraagt of hij zijn liedje kan zingen en daarbij heel boos kan kijken. Ook dat kost hem moeite, maar met wat aansporingen van Babette lukt het aardig. “Er moet iets gaan gebeuren in je gezicht. Veel meer laten zien wat je zingt. Ga hier echt aan werken.” |