De toonaangevende Dow Jones-index eindigde 0,1% hoger op 10.624,69 punten. De breed samengestelde S&P 500 noteerde vlak op 1.149,99 punten, terwijl de technologiezware Nasdaq noteerde vlak 2.367,66 punten.
Aandelen van aan de gezondheidszorg gelieerde bedrijven maakten vrijdag geen goede dag door. Medicijnproducent Pfizer daalde nadat het bekendmaakte een proeffase van een experimenteel longkanker medicijn af te breken.
Daarnaast meldde Pfizer dat twee gevorderde studies naar borstkankeronderzoek hun vooraf beoogde eindpunt niet bereikten.
De financiele aandelen sloten vrijdag een opmerkelijke week af. Eerder in de week stegen diverse banken sterk op geruchten dat de Amerikaanse overheid zijn aandeel in enkele banken van de hand zou doen.
Vrijdag verloren enkele van die banken zoals Citigroup weer terrein hoewel Citigroup wel het meest verhandelde fonds was; verantwoordelijk voor bijna een kwart van het verhandelde volume aan de beurs in New York.
Fannie Mae, Freddie Mac en American International Group verloren eveneens. Morgan Stanley, American Express en Goldman Sachs boekten juist voorzichtige winsten.
De macrocijfers uit de VS gaven vrijdag een gemengd beeld.
De detailhandelsverkopen in de VS stegen in februari onverwacht met 0,3%. Economen gingen vooraf uit van een daling met 0,3%. Don Rissmiller van Strategas Research partners gaf aan dat dit een "groot" getal is voor begin 2010 en dat het aangeeft dat er langzaam meer vraag komt.
De index voor het consumentenvertrouwen van de universiteit van Michigan deed het vertrouwen onder beleggers geen goed. Die daalde naar 72,5 van 73,6 in februari. Het ministerie van handel rapporteerde daarnaast geen verandering in de bedrijfsvoorraden in januari en dat wijst op zwakke verkopen.
Door Maarten Kolsloot, Dow Jones Nieuwsdienst; +31-20-5715 201, maarten.kolsloot@dowjones.com
