De Nederlandse overheidsfinanciën ontwikkelen zich
bijzonder gunstig, ook internationaal bezien. Dat stelt econoom Maarten Leen, namens de ING Bank.
Goed
"Het kabinet heeft de overheidsfinanciën goed door de financiële
crisis heen geloodst", aldus Leen in zijn analyse. Met de Miljoenennota 2011 wordt een eerste stap gezet om de gaten te dichten die door de crisis in het staatshuishoudboekje zijn geslagen.
Herstel
Na de financiële crisis van 2008-2009 zet de Miljoenennota 2011 de eerste stap op weg naar herstel van
gezonde overheidsfinanciën. Door een combinatie
van bezuinigingen en enkele gerichte lastenverlichtingen
wordt voor het volgende kabinet een goede uitgangspositie
gecreëerd voor een verder herstel van
de overheidsfinanciën op middellange termijn.
Niettemin zijn ook enige kanttekeningen te maken aldus Leen:
Van de aanvankelijk door het kabinet voor volgend
jaar voorgenomen bezuiniging van € 3,2 miljard
wordt slechts € 1,8 miljard gerealiseerd. De totale
besparing wordt nu pas in 2015 gerealiseerd. Een
grotere bezuinigingsinspanning had de Nederlandse overheidsfinanciën met nog meer overtuiging richting Europese normen kunnen brengen. Bij het
achterwege laten van een aantal lasten verlichtende
maatregelen voor het bedrijfsleven had het begrotingstekort
in 2011 dan zelfs de Europese norm, van
3%, zeer dicht hebben kunnen benaderen! Aldus is
achterwege gelaten een buffer te scheppen tegen
mogelijk nieuw conjunctureel tegenwind in
de toekomst. Geen overbodige luxe aangezien het
nog lang niet zeker is dat een ‘double dip’ recessie is
afgewend en ook de Europese schuldencrisis niet definitief
bezworen lijkt.
Bovendien is van het besparingsvoorstel van 3,2 miljard
euro slechts circa een derde concreet met
specifieke maatregelen ingevuld (o.a. verhoging
tabaksaccijns, lager budget voor inburgering, korting
toeslag kinderopvang). Het resterende deel heeft een
generieke aanduiding (verhoging doelmatigheid
Rijksoverheid, efficiencyverbetering beheer en onderhoud
infrastructuur, vermindering loonsom ambtenaren).
Het achterwege laten van een concrete
invulling vergroot de kans op uitvoeringsproblemen
later in de begrotingscyclus. Vooral bezuinigingen
op het ambtenarenapparaat blijken in de praktijk niet altijd even eenvoudig te realiseren.
Met de begroting voor 2011 lijkt het eenvoudigste
deel van het saneringsproces van de overheidsfinanciën
achter ons te liggen. Er is geprofiteerd van
een uitzonderlijk lage rente maar voor de komende
jaren lijkt weer van hogere rentes te moeten worden
uitgegaan. Ook is geprofiteerd van een (onverwacht)
snelle daling van de werkloosheid; een
verdere daling hiervan zal minder gemakkelijk zijn.
Aldus zal de economische dynamiek achter het herstelproces
van de overheidsfinanciën de komende
jaren waarschijnlijk minder uitbundig zijn. De voor
de komende jaren noodzakelijke verdere tekortreductie
zal dan ook minder eenvoudig
zijn.
Crisis
Niettemin kan worden geconstateerd dat het kabinet de
Nederlandse economie en overheidsfinanciën
goed door de financiële crisis heen heeft weten te
loodsen. Dit door middel van een combinatie van algemeen
beleid (het laten werken van de zogenoemde automatische
stabilisatoren) en specifiek beleid (regeling
voor deeltijd-ww, garantiestelling kredietverlening, lastenverlichting
bedrijfsleven door o.a. verruiming fiscale
verliescompensatie en aanpassing fiscale afschrijvingsregels).
Tekort
Met de beoogde reductie van het begrotingstekort tot
3,9% bbp in 2011 onderscheidt Nederland zich in internationaal
perspectief gunstig. Het begrotingstekort is
niet alleen lager dan gemiddeld in het hele eurogebied
maar ook lager dan wat gemiddeld gebruikelijk is in de
– veelal als wat sterker aangemerkte – noordelijke lidstaten
van de EMU
Schuld
Tussen 2007 en 2011 is de staatsschuldquote – de
overheidsschuld uitdrukt als aandeel in het bruto binnenlands
product – in ons land met circa 21%-punt gestegen.
Dit is weliswaar hoger dan gemiddeld bij diezelfde
groep noordelijke eurolanden (17%-punt), maar
toch nog relatief bescheiden aangezien het (directe) effect
van de tijdens de crisis doorgevoerde overheidsinterventies
vanwege problemen in de financiële sector
op de overheidsschuld nergens zo groot was als in Nederland
(zie figuur 3). Zo bezien lijkt te kunnen worden
geconcludeerd dat Nederland vergeleken met de
meeste andere landen uit het eurogebied zijn
overheidsfinanciën relatief snel op orde brengt.
Sterke economie
Het relatief snelle herstel van de overheidsfinanciën van
ons land lijkt niet alleen het gevolg van een wat minder
actieve begrotingsstimulering maar hangt waarschijnlijk
ook samen met onze sterke economische structuur.
Nederland behoort nu al acht jaar tot de top-3 meest
concurrerende economieën van het eurogebied. Hierdoor
zijn de Nederlandse economie en overheidsfinanciën
uitstekend gepositioneerd om te profiteren
van een internationaal economisch herstel.
Lees ook:
Rabobank: begrotingsregels aanscherpen
©RTLZ.nl