Het ABP reageert daarmee op uitlatingen van Martin van Rooijen, voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Organisaties van Gepensioneerden (NVOG) in Het Financieele Dagblad donderdag. Volgens hem moet zelfs de wet worden aangepast zodat pensioenfondsen een eventuele verlaging van de pensioenuitkering in financieel betere tijden weer ongedaan moeten maken. Hij vindt afstempelen waartoe veel fondsen mogelijk gedwongen zijn een ,,uiterst middel" en ziet liever dat de premies worden verhoogd. Bij het ABP is mogelijk verhogen van pensioenbetalingen in betere tijden nog helemaal niet besproken.
Het ABP benadrukt wel dat de ambitie van het fonds is om met de pensioenen gelijke tred te laten houden met de loonontwikkeling. Mocht het fonds eventueel wat meer vet op de botten krijgen, dan laat het de deelnemers via indexatie en mogelijk zelfs na-indexatie mee profiteren van betere tijden. Dat gebeurt volgens het fonds bij een dekkingsgraad die respectievelijk boven de 105 of 135 procent ligt.
Door de lage rentestand en de aanhoudende malaise op de financiële markten is de dekkingsgraad voor veel pensioenfondsen onder de kritieke grens van 105 procent gezakt. De dekkingsgraad geeft aan in hoeverre een pensioenfonds in staat is om aan zijn huidige en toekomstige pensioenverplichting te voldoen. Voor het ABP lag deze medio november op ongeveer 94 procent. Medio februari hoopt het ABP meer duidelijkheid te geven over mogelijke maatregelen die moeten worden genomen om de dekkingsgraad op peil te krijgen.
