RTL Z

'Waar was overheidscommissaris ASR?'

    
 'Waar was overheidscommissaris ASR?'
'Waar was overheidscommissaris ASR?'
Tue, 17 Jan 2012 12:48:21 +0100( LAATSTE UPDATE: Wed, 18 Jan 2012 09:03:44 GMT )

Welke overheidscommissaris heeft in het voorjaar van 2010 bij ASR zitten slapen? Lees de column van René Lukassen (redactie RTL Z).

Welke overheidscommissaris heeft in het voorjaar van 2010 bij ASR zitten slapen? Of zette hij bewust zijn handtekening onder die belachelijke ontslagvergoeding van Jacqueline Rijsdijk? Ook dat laatste lijkt me reden voor een stevige reprimande.

Nieuwe topstructuur

Eerst de feiten: op 15 februari 2010 maakte ASR Nederland een nieuwe topstructuur bekend. Een hoofddirectie van zes personen werd teruggebracht tot een raad van bestuur van vier.

Voor Jacqueline Rijsdijk en Theo Pluijter was geen plek in de nieuwe raad van bestuur. Pluijter nam genoegen met een nieuwe functie, directeur centrale staven. Maar Rijsdijk 'gaf aan haar loopbaan buiten ASR voort te willen zetten'.

Zelf opgestapt

Rijsdijk koos dus zelf voor een vertrek. Waar Pluijter binnen ASR iets anders ging doen - ongetwijfeld met behoud van arbeidsvoorwaarden - zocht Rijsdijk haar toekomst buiten het bedrijf.

Ze stapte dus zelf op Toch vond ASR een ontslagvergoeding op zijn plaats. Van niet één jaarsalaris, zoals de code corporate governance voorschrijft, maar twee.

Twee jaarsalarissen

Twee jaarsalarissen meegeven kán volgens de code, maar alleen als een afvloeiingsregeling van maximaal één jaarsalaris 'kennelijk onredelijk' is (*). Dit laatste is het geval als een bestuurder gedurende zijn eerste benoemingstermijn wordt ontslagen en voorafgaande aan zijn functie een lange arbeidsrelatie met de venootschap heeft gehad.

Maar dat heeft Rijsdijk helemaal niet. Rijsdijk trad op 1 april 2009 bij ASR in dienst. En trok daar formeel in september 2010 de deur achter zich dicht. Dat komt neer op een dienstverband van 1 jaar en vijf maanden. Waarbij ik de stelling aandurf dat ze daarvan nog geen jaar echt heeft gewerkt, gezien de gebruikelijke opzegtermijn van een halfjaar.

Rijsdijk heeft zeer waarschijnlijk zelf per 1 maart 2010 haar baan bij ASR opgezegd, omdat ze niet in de nieuwe raad van bestuur mocht. Ze kreeg nog zes maanden doorbetaald, tot eind augustus 2010, en vervolgens een ontslagvergoeding van 557.000 euro, hetgeen neerkomt op twee jaarsalarissen, in plaats van één.

Twee keer artikel II.2.8 overtreden

En zo overtrad ASR, de verzekeraar die eind 2008 in overheidshanden kwam, twee keer artikel II.2.8 van de code voor behoorlijk ondernemingsbestuur.  Rijsdijk kreeg onterecht een ontslagvergoeding, want ze vertrok op eigen verzoek. Bovendien ze kreeg onterecht een ontslagvergoeding van twee jaarsalarissen, terwijl ze nog maar kort bij ASR in dienst was en dus geen 'lange arbeidsrelatie' had waardoor een ontslagvergoeding van één jaarsalaris 'kennelijk onredelijk' was.

Gotspe

Dat mevrouw Rijsdijk pakt wat ze pakken kan, zullen weinigen haar nadragen. Dat de commissarissen van ASR - die over dit soort zaken gaan - het haar aanboden, is al wat vreemder, gezien het feit dat de financiële sector werkt aan herstel van vertrouwen. Dat de overheidscommissaris het liet gebeuren, is een gotspe, want juist overheidscommissarissen moesten dit soort excessen in opdracht van het ministerie van Financiën voorkomen.

Wie stelt de eerste kamervraag?

René Lukassen

Redactie RTL Z

(*)

II.2.8

Onder het vaste deel van de bezoldiging wordt verstaan de periodieke beloningen in de zin van artikel

2:383c lid 1, onderdeel a BW. Een afvloeiingsregeling van maximaal één jaarsalaris kan "kennelijk

onredelijk" zijn, wanneer een bestuurder gedurende zijn eerste benoemingstermijn wordt ontslagen en

hij voorafgaande aan zijn functie een lange arbeidsrelatie met de vennootschap heeft gehad. In

vergelijking met de hoogte van de ontslagvergoeding waarop een 'gewone' werknemer recht zou

hebben, zou een ontslagvergoeding van één jaarsalaris mogelijk te laag uitvallen. Deze bovengrens

geldt ook voor vertrek op eigen verzoek. Dit laat onverlet dat het in de rede ligt dat bij vertrek op eigen

verzoek in het geheel geen vergoeding wordt toegekend. Deze bepaling doet niet af aan het principe

dat falend beleid (onbehoorlijk bestuur of fraude) van een bestuurder niet dient te worden beloond.

 

 

Best gelezen artikelen

Best bekeken video's