Nederland wordt zienderogen armer, vooral omdat de crisis niet alleen de laagstbetaalden treft met de ‘normale’ banen, maar ook de hoger opgeleiden met de goed tot zeer goed betaalde functies.
Iedereen ziet af
Sterker nog, de huidige crisis kan zonder moeite worden gezien als een crisis aan de bovenkant van de economie en dus niet alleen aan de onderkant ervan. Want hoe ‘hoger’ je in het verleden was, hoe meer schulden je kon maken. En dus maakte. Anders was je een dief van je eigen portemonnee. De rijken van het oude systeem, vormen in toenemende mate de armen van het nieuwe, omdat de hypotheekschuld niet voldoende kan worden afgelost en de prijs van huizen in niemandsland terecht is gekomen.
Pittige cocktail
Van de ontwikkeling van de crisis in andere landen is bekend dat zodra burgers niet meer zeker kunnen zijn van 1) hun huis en 2) hun inkomen, 3) hun baan en 4) hun pensioen er sprake is van een economisch ‘omkeer’ mechanisme. De economie gaat dan in zijn achteruit in plaats van zijn vooruit en er treed krimp op, in plaats van groei. Als ook de bevolking ouder aan het worden is –zoals in Nederland- ontstaat gemakkelijk een giftige cocktail van onvrede, onzekerheid, wantrouwen en frustratie.
Kredietwaardigheid
Het is voor veel huishoudens de vraag of Nederland richting Griekenland gaat of dat het tij nog kan worden gekeerd, bij gelijkblijvende maatstavenover de werkelijke hoogte van de staatschuld en de échte omvang van het begrotingstekort in de toekomst. Dat wordt nu voor onmogelijk gehouden. Maar dat kan snel anders komen te liggen. Bijvoorbeeld als Nederland zijn triple A-status verliest.
Twee kanten
Het kabinet Rutte is zich bewust van de benarde positie van Nederlanders maar zegt niet te kunnen ontkomen aan verdere bezuinigingen en hervormingen. Er circuleren al keuze menu’s. Rutte kan twee kanten op. Ofwel burgers verder afknijpen er daarmee de economie tot stilstand brengen. Ofwel burgers in tact laten, o.a. door hen meer zekerheden voor de toekomst te bieden. Tegen een beetje inleveren zal niemand bezwaar hebben. Maar wie loopt er niet af en toe rond met de gedachte dat het met de Nederlandse welvaart gedaan is?
Werkgevers reageren als vanouds
De afgelopen week kwam Bernard Wientjes van het VNO in het nieuws met zijn oproep tot loonmatiging en zelfs tot de nullijn voor werknemers in alle sectoren van de economie. Het VNO ziet op het juiste moment in dat de wereldeconomie snel aan het verslechteren is, zoals o.a. blijkt uit de aanzienlijke terugval van de wereldhandel van dit moment. De schuldencrisis dreigt een wereldcrisis te worden. Nederland moet dus goedkoper.
Bijwerkingen
Het negatieve effect van de opmerkingen van Wientjes richting de bevolking moet niet worden onderschat en staat averechts op wat hij wil bereiken. Sowieso ziet de bevolking nu al een golf van ontslagen op zich afkomen en dan telt het lijstje van inleveren en afzien fors op. Van het VNO kan gezegd worden dat het Pavlov-gedrag vertoond als het om de bijdrage van werknemers gaat.
Hervormingen
Heel omzichtig maar onmiskenbaar is het kabinet bezig met het hervormen van de arbeidsmarkt, onder andere via wijzigingen in het ontslagrecht. De regering denkt echter geheel in lijn met het VNO maar bereikt daarmee slechts hetzelfde negatieve effect als het VNO. Dubbelop is eentje teveel.
Werknemers als aandeelhouders
We moeten daarom toe naar andere – meer beschaafde- arbeidsverhoudingen en zelfs andere arbeidsrelaties. Met dit laatste doel ik niet op nóg meer flexibilisering, maar juist op wederzijdse loyaliteit.Ik stel voor om tot echte vernieuwing van de arbeidsverhoudingen in Nederland te komen en dat te doen door werknemers in ruil voor geld ( bijvoorbeeld cao-verhogingen), een participatie in hun bedrijven, dan wel hun bedrijfstak aan te bieden. Dat kan heel gemakkelijk via de uitgifte van certificaten m.b.t. een stukje van het economisch eigendom van een onderneming of groep van ondernemingen. Er is een door Europa gesubsidieerde organisatie die alle ‘ins and outs’ kent in alle lidstaten van Europa. Werknemers worden op deze manier mede aandeelhouder en delen daardoor niet alleen in de lasten, maar ook de lusten.
Loyaliteit
Niet mag worden vergeten dat veel werknemers al jaren lang geld inleveren en daarvoor alleen maar méér onzekerheid terugkrijgen. Van loyaliteit van werkgeverszijde was slechts even sprake, namelijk tijdens de eerste crisis van 2008. Maar het lijkt er nu op dat de kaarten anders geschud gaan worden. Ik pleit daarom voor een nieuw en fris pak kaarten. Dat speelt veel beter. Ook als je op verlies staat.

