Alweer een crisis, nee toch
Wat in Verenigde Staten als een bankencrisis begon en naar Europa overwaaide als een schuldencrisis, dreigt nu een wereldcrisis van geld te worden, inclusief alle ontkenningen die met de ernst van zo’n crisis gepaard gaan. Hoe lang hebben de Amerikaanse autoriteiten niet ontkend dat er meer met geld aan de hand was, dan een simpel probleem van een paar banken die zijn omgevallen? Maar ja, openlijk bekennen dat het risico bestaat dat geld waardeloos wordt vanwege waardeloos beleid, kan natuurlijk ook niet.
Vertrouwen in geld smelt weg
Onder een wereldcrisis van geld versta ik het grotendeels en misschien zelfs volledig wegvallen van het vertrouwen van mensen in geld, of dat nu de dollar, de yen, de yuan of de euro is. Misschien dat China de dans voorlopig ontspringt, maar het land zal nog raar opkijken als het wordt geconfronteerd met een waardeloze dollar. Dan verdwijnt namelijk het Chinese financiële bezit als sneeuw voor de zon.
Verwarring
Het begint allemaal met oplopende inflatie, maar er staat veel meer op het spel. Er kunnen zich gemakkelijk ‘pockets’ van hyperinflatie voordoen, veelal onverwacht. Tegelijkertijd -en vaak op hetzelfde moment- doen zich allerlei andere geld ondermijnende fenomenen voor, zoals deflatie (het méér waard worden van geld), en stagflatie (geen groei, wel inflatie). Deze zorgen voor sluipende verwarring over de waarde van geld. Nu al vragen veel mensen zich af wat ze nog voor hun geld kunnen kopen. Een huis? Nee dus. Want je weet niet of je teveel of te weinig betaald. Benzine? Zonder benzine kunnen we niet. Dus vooruit maar.
Institutioneel witwassen
Het behoort tot de kerntaak van de centrale banken om het vertrouwen van de bevolking in geld te waarborgen. Geen enkele centrale bank weet echter meer wat te doen. Omdat ze in overlevingsnood verkeren. Als ware puristen proberen centrale banken momenteel hun eigen balansen op te schonen. Die zijn veel te lang en te zwaar geworden vanwege het alsmaar opkopen van de staatschulden van landen die nooit zullen terugbetalen. Het lukt nog maar net om de steunverlening aan schuldenstaten te ‘steriliseren’ door het geld dat ermee gemoeid is tussen de banken rond te pompen en weg te laten zakken. Maar dat kan niet veel langer doorgaan.
Hongaarse Centrale Bank is verloren
Dan is er de recente strijd om de macht over de centrale bank van Hongarije. Die is overtuigend gewonnen door de Hongaarse regering en vergroot de kans dat het land binnenkort met hyperinflatie te maken gaat krijgen. De Hongaren hadden in het recente verleden sowieso al weinig vertrouwen in de forint, vandaar dat zij hun woning- hypotheken in buitenlandse valuta afsloten. Momenteel wordt er door de regering zo fanatiek met geld gegoocheld, dat niemand meer weet waar hij aan toe is. Nederland kijkt de andere kant op, namelijk naar Amerika.
Waarom geen inflatie in Amerika
In Amerika is geen sprake van noemenswaardige inflatiedruk. De inflatie is wél hoger, maar staat niet in verhouding tot de hyperinflatie die zou zijn ontstaan als alle stimuleringsmaatregelen van de Amerikaanse regering de reële economie hadden bereikt, bijvoorbeeld in de vorm van soepele kredietverlening en naar geld ‘happende’ ondernemingen en burgers. Was dat wél het geval geweest, dan dreigde voor Amerika het Zimbabwe scenario. Dat is nu niet zo. Omdat het geld blijft hangen bij de banken en de overheid.
Meten is weten
Geld wordt betekenisloos als burgers de waarde ervan niet langer zelf kunnen vaststellen. Daarvoor is onder andere een betrouwbaar en stabiel instrumentarium nodig van feiten, cijfers en omstandigheden en daar is sinds het uitbreken van de crisis geen sprake meer van. Meten is weliswaar weten, maar er is gedurende de afgelopen jaren zo hard tegen het gezonde verstand van burgers ingegaan dat die inmiddels sprakeloos zijn geworden en zich afvragen wat nog wel waar is en wat niet.
Zo de wind waait, waait mijn jasje
Zelfs in Amerika geloven mensen hun ogen en oren niet langer, vooral niet als het om de stelselmatige (en bijna volautomatische) overschrijding van het enorme schuldenplafond gaat. Daarbij komt dat de gehanteerde meetcriteria zwaar onder druk staan en veel afhankelijker van de politieke wil zijn geworden, dan ooit voor mogelijk werd gehouden. Dat blijkt in Amerika onder andere uit de recente aanpassingen van de productiviteitscriteria en uit de arbeidsmarktcijfers.
Het valt nog mee, maar is wel begonnen
Als het om de waarde van geld gaat zijn we nog niet in crisis. Maar we zijn hard op weg daarnaar toe. De groei van alternatieve munteenheden neemt explosief toe, evenals de gewone ruilhandel. Er is nog wel vertrouwen in de centrale banken. Maar dat neemt snel af. Hoe groot mijn vertrouwen in De Nederlandsche Bank is? Niet groot en niet groeiend. Zowel de nieuwe als de oude president van de Bank roepen maar wat. De een uit rancune. De ander uit ambitie. Een gezagvolle visie heb ik nog niet kunnen ontdekken.


