Artikel 7.1
De moord op Anneke van der Stap


Op 22 juli 2005 wordt studente beeldende kunst Anneke van der Stap (22 jaar) in de bosjes aan het Jaagpad in haar woonplaats Rijswijk gevonden. Anneke wordt voor het laatst levend gezien op maandag 11 juli 2005 op het CS station van Enschede. Op die maandagavond wordt ze vanaf spoor 4 op de trein van 21.27 uur richting Amersfoort gezet door een vriend uit haar Japanse manga-stripfigurenclub. Vanaf dat moment ontbreekt elk spoor van haar. Twee weken later (!), op vrijdagochtend 22 juli 10.10 uur wordt haar lichaam teruggevonden aan het Jaagpad in Rijswijk. Haar lichaam verkeert in verregaande staat van ontbinding. Wat er met de Rijswijkse is gebeurd, is voor haar vader en voor de politie, nog steeds een groot raadsel.


Het onderzoek van het rechercheteam zit op een dood spoor. "We zijn op zoek naar mensen die Anneke in de trein hebben van Enschede naar Amersfoort. En die haar daar hebben zien overstappen op de trein naar Den Haag. Ook is het nog heel onduidelijk hoe haar route daarna is geweest", aldus een woordvoerder van de politie Haaglanden, die hoopt dat nog veel getuigen zich melden. 'We zijn echt dringend op zoek naar informatie. Is ze uitgestapt op Den Haag Centraal Station of een halte eerder zoals Station Voorburg? En welk vervoer heeft ze toen genomen richting Rijswijk? En uiteraard of mensen haar in de buurt of op het Jaagpad hebben gezien. Anneke had hele opvallende gekleurde laarsjes aan en tassen bij zich. Mensen moeten haar gezien hebben".

Haar laptop, de tassen en haar mobiele telefoon zijn spoorloos.

Met alle open vragen is het idee geboren om zowel een website als een weblog aan Anneke van der Stap te wijden.

Artikel 7.2
De Bijlmerramp



De Bijlmerramp is de benaming voor de vliegramp, waarbij op 4 oktober 1992 een Boeing 747-vrachtvliegtuig van de Israëlische luchtvaartmaatschappij El Al op de flats Groeneveen en Klein-Kruitberg in de Amsterdamse Bijlmermeer neerstortte. De ramp kostte 43 mensen het leven, onder wie de driekoppige bemanning van het vliegtuig en één passagier.


In juni 1993 maakte Trouw bekend dat op maandagochtend 5 oktober op de rampplek een twintigtal mannen in witte pakken was gezien. Deze mannen werden al snel onderwerp van speculaties, omdat nooit duidelijk is geworden wie deze mannen waren en wat zij op de rampplek deden. Volgens sommige getuigen spraken de mannen in witte pakken geen Nederlands en namen zij bewijsmateriaal mee van de plaats van de ramp onder een wit laken. De mannen werden al snel in verband gebracht met de gezondheidsklachten die na de ramp optraden.