Kunstmatige inseminatie donorzaad
Het kan gebeuren dat een zwangerschap, om wat voor reden dan ook, helaas uitblijft. Het gebruik van donorzaad biedt voor sommige mensen uitkomst. Bij een KID-behandeling wordt donorsperma bij de vrouw ingebracht oftewel geïnsemineerd. KID staat voor ‘kunstmatige inseminatie met donorzaad’. Een donor doneert zijn zaad om anderen te helpen. Hoeveel kinderen donoren konden verwekken is niet eenduidig. KID kan plaatsvinden in drie soorten gezinnen: een heteroseksueel stel waarvan de man kampt met vruchtbaarheidsproblemen, een lesbisch stel of een alleenstaande moeder”

Donorgegevens
Wie is mijn vader? Ruim 40.000 kinderen in Nederland kunnen deze vraag niet beantwoorden. Hun vader is een zaaddonor en die bleven tot voor kort strikt anoniem. Er zijn weinig donorgegevens bekend, over bevruchtingen die voor juni 2004 hebben plaatsgevonden. In sommige gevallen beschikt de desbetreffende kliniek over informatie. Meestal kan de instelling geen informatie verstrekken, omdat de donatie onder de voorwaarde van anonimiteit heeft plaatsgevonden. Het feit dat de donatie anoniem plaatsvond, hoeft niet perse een bewuste keuze te zijn geweest van de donor

Veel klinieken en ziekenhuizen informeren niet bij de donor of hij zijn ‘keuze’ wil heroverwegen, maar houden vast aan de destijds gegarandeerde anonimiteit. Sommige klinieken en ziekenhuizen geven donorkinderen wel een zogenaamd donorpaspoort waarin uiterlijke kenmerken vermeld staan zoals haarkleur en oogkleur, lengte, gewicht, beroep en burgerlijke staat. Ondanks deze verkregen gegevens blijft het voor een donorkind zoeken naar een speld in een hooiberg.

Nieuwe wet
Met de invoering van de wet donorgegevens is de anonimiteitwaarborg voor zaaddonoren komen te vervallen. Sinds 1 juni 2004 kan een donor alleen doneren als hij geen bezwaar heeft tegen registratie van zijn gegevens. Deze wet schrijft namelijk voor dat kinderen vanaf hun twaalfde jaar recht hebben op fysieke en sociale informatie over hun verwekker. Bijvoorbeeld: haarkleur, kleur ogen, gewicht, opleiding, leefsituatie. Vanaf zestien jaar heeft het kind recht op de persoonsgegevens van de donor (naam, geboortedatum, adres en woonplaats) en kan indien gewenst een ontmoeting tot stand worden gebracht. Het belang van het kind staat met de invoering van de nieuwe wet nu dus voorop

DNA onderzoek
Donorvaders en donorkinderen zullen bloed afstaan, waaruit een DNA profiel wordt opgemaakt. Deze gegevens zullen in een databank worden opgeslagen. Bij het onderzoek naar biologisch vaderschap wordt gebruik gemaakt van erfelijke kenmerken die vastgelegd zijn in DNA. Alle erfelijke kenmerken zijn bij ieder individu in tweevoud aanwezig, één helft van de genetische informatie is afkomstig van de moeder en de andere helft van de vader. Een kind erft DNA uit de eicel van de moeder (23 chromosomen) en uit de zaadcel van de vader (ook 23 chromosomen). Meisjes (XX) krijgen zowel van hun vader als van hun moeder een X-chromosoom, jongens (XY) daarentegen krijgen het X-chromosoom van hun moeder en het Y-chromosoom van hun vader.

Nieuw is dat niet alleen kinderen en donoren kunnen worden getest, maar ook (half)broers en (half)zussen. Echter, deze DNA tests zijn alleen mogelijk tussen broers onderling en zussen onderling.

Stichting Ambulante Fiom www.fiom.nl
De basis van het tv-programma ‘Wie is mijn vader?’ wordt gevormd door een DNA databank. Deze DNA databank wordt beheerd door Stichting Ambulante Fiom. De databank kan alleen een succes worden als veel mensen van deze DNA databank op de hoogte zijn. Het programma Wie is mijn vader? is van groot belang om de DNA databank tot een succes te maken.

De redactie van het programma 'Wie is mijn vader?' werkt volgens de voorwaarden van Stichting Fiom. Fiom stelt dat kinderen onder de 12 jaar hun DNA niet kunnen laten opnemen in de DNA databank. Alleen bij uitzondering is dit mogelijk; als er uit medisch oogpunt een groot belang is om te weten wie de donor is. Een kind in de leeftijdscategorie 12 t/m 15 jaar kan zijn of haar DNA wél in de DNA databank laten opnemen. Bij een eventuele match wordt het desbetreffende kind vooralsnog niet in contact gebracht met de donor. Hij of zij ontvangt al wel de sociale en fysieke gegevens van een eventueel gevonden donor. Vanaf zestien jaar is het dan mogelijk met de donor in contact te komen.

De Fiom biedt gespecialiseerde psychosociale hulp, informatie en advies aan iedereen die problemen of vragen heeft op het gebied van onbedoelde zwangerschap, tienerzwangerschap en –ouderschap, zwangerschapsverlies, ongewenste kinderloosheid, afstand ter adoptie, adoptienazorg en (inter)nationale zoekacties naar familieleden.

Canisius-Wilhelmina Ziekenhuis www.cwz.nl
De DNA databank is ondergebracht bij het Canisius-Wilhelmina Ziekenhuis (CWZ) in Nijmegen. Het klinisch chemisch laboratorium van het CWZ is een toonaangevende instelling op het gebied van van vaderschapsonderzoek en ander verwantschapsonderzoek. DNA onderzoek wordt door het laboratorium op discrete en deskundige wijze in eigen beheer uitgevoerd.


Wat zijn de verwachtingen van donorkinderen?
Veel donorkinderen willen weten hoe de donor er tegenwoordig over denkt. Wil hij nog steeds anoniem blijven of zou hij zichzelf bekend willen maken als een kind daar behoefte aan heeft? De verwachtingen van donorkinderenzijn vaak bescheiden. Er wordt niet automatisch een vader/kind relatie verwacht, immers donorkinderen zijn gewenste kinderen en hebben doorgaans al hun eigen plek binnen een gezin. Veel KID-kinderen willen de donor graag een keer spreken om meer te weten te komen over hun genetische achtergrond. “Van wie heb ik mijn bruine ogen, Heeft hij ook zulke lange tenen, Heeft hij net als ik een talenknobbel, Houdt hij ook zo van tennis?”. Antwoorden op dergelijke afstammingsvragen zijn belangrijk voor de identiteitsvorming van een kind.

Voormalige donorkinderen kampen soms met dubbele gevoelens om zich bekend te maken. Er zijn voor een donor geen risico's verbonden aan een kennismaking met een nakomeling. Een donorkind kan nooit een omgangsregeling, financiële ondersteuning of erfopvolging afdwingen. Een positieve DNA-test brengt daar geen verandering in.